Nederlandse Grondwet:
België
| Hoofdstukken Grondwet | |
|---|---|
| 1. | Grondrechten |
| 2. | Regering |
| 3. | Staten-Generaal |
| 4. | Overige instellingen |
| 5. | Wetgeving en bestuur |
| 6. | Rechtspraak |
| 7. | Andere overheden |
| 8. | Herziening Grondwet |
-
18-05België onderzoekt Chinese euromunten
-
08-05Vlaamse beleid voor land- en onroerend goed in strijd met EU-regelgeving (en)
-
03-05Belgische economie gegroeid
-
02-05Staatssteun: Commissie geeft groen licht voor openbare-dienstcompensatie voor Belgische bpost
-
30-04Honderden regionale EU-projecten van België en Nederland op 8 mei in zonnetje gezet (en)
-
16-04Vlaamse taalregels in strijd met EU-recht
-
16-04Vlaamse taalvereisten voor contracten mogen niet van Europees Hof
-
16-04Overzicht mediabronnen EU-strategie aanpassing aan klimaatverandering in België (en)
-
11-04Europarlementariër van der Stoep vraagt uitleg over Belgisch wegenvignet
-
10-04België klaagt bij EU over Duits aanbod van onderbetaald werk (en)
-
05-04Belgische rente naar laagste niveau ooit
-
04-04Kamer wil af van Benelux-parlement
-
04-04Nederland gaat meer betalen aan Benelux
-
31-03EU-president Van Rompuy: België heeft niet geleden onder de crisis (en)
-
29-03Antwerpen schrapt heffing voor niet-Belgen
-
20-03Redding Dexia oorzaak te hoog overheidstekort België (en)
-
19-03Begrotingstekort België fors hoger
-
13-03België onderhandelt over bezuinigen na waarschuwing EC (en)
-
04-03Kroes boos op hoofdstad Brussel vanwege mobiel internet
-
28-02'Buitenlandersbelasting' Antwerpen krijgt aandacht EU (en)
België - Hoofdinhoud
België is een welvarend koninkrijk. België heeft naast de federale regering enkele gewestelijke regeringen (onder meer in Vlaanderen en Wallonië en in het Brussels gewest). Het land behoort tot de zes oprichters van de Europese Gemeenschappen. De Belgische premier Paul-Henri Spaak was daarvan één van de architecten.
België bevocht zijn onafhankelijkheid van het Koninkrijk der Nederlanden van 1830 tot 1839. In de tweede helft van de negentiende eeuw was het één van de meest welvarende landen van Europa. Aan het eind van de negentiende eeuw bouwde de Belgische koning Leopold een enorm koloniaal rijk op in centraal-Afrika, dat na diens dood overging op de Belgische staat. In de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) werd België bezet en vond heftige strijd plaats. Tienduizenden geallieerde militairen verloren het leven tijdens het vier jaar durend beleg van Ieper.
Het land kent een federale structuur, waarin het Nederlandstalige Vlaanderen, het Franstalige Wallonië, de Duitssprekende grensstreek en Brussel alle een hoge mate van autonomie bezitten.
Belangrijke Belgische schilders zijn Jan van Eijck, Rogier van der Weyden, Pieter Paul Rubens en René Magritte. Toonaangevende namen in de Belgische literatuur zijn Guido Gezelle, Stijn Streuvels, Paul van Ostaijen, Willem Elsschot en Hugo Claus.
Prominenten uit de recente Belgische wielergeschiedenis zijn de Tour de France-winnaars Lucien van Impe en Eddy Merckx, die algemeen als beste wielrenner aller tijden wordt beschouwd, en de klassiekerrijders Rik van Looy, Roger De Vlaeminck, Freddy Maertens, Johan Museeuw en Tom Boonen. Voetballers als Jean-Marie Pfaff, Eric Gerets en Jan Ceulemans leidden het Belgische elftal naar de vierde plaats van het WK voetbal in 1986. De tennisspeelster Justine Henin behoorde tot wereldtop en Kim Clijsters maakt daar nog altijd deel van uit. Op de Spelen van 2008 haalde Tia Hellebaut goud bij het hoogspringen.
Op 13 juni 2010 waren er parlementsverkiezingen in België, waarbij de Nieuw-Vlaamse Alliantie (NVA) in Vlaanderen en de socialistische Parti Socialiste (PS) in Wallonië als winnaars uit de bus kwam. Vooral de christendemocraten verloren sterk, maar ook de liberalen gingen achteruit. De vorming van een federale regering van liberalen, sociaaldemocraten en christendemocraten onder leiding van Elio Di Rupo (Waals socialist) duurde liefst 541 dagen. Het nieuwe kabinet trad op 6 december 2011 aan. Tot die tijd regeerde het demissionaire kabinet-Leterme.
De Belgische politiek werd lange tijd gedomineerd door de christendemocraten. Zij vormden veelal kabinetten met sociaaldemocraten of liberalen. In sommige jaren vormden de drie hoofdstromingen een grote coalitie, met name omdat veelvuldig grondwetsherzieningen nodig waren om tot een staatshervorming te komen. In de jaren zeventig en tachtig namen enkele keren ook specifiek Vlaamse of Waalse partijen deel aan het kabinet. In enkele perioden (onder meer midden jaren zeventig) waren er veelvuldige kabinetswisselingen. Onder meer taalkwesties en staatshervorming waren daarvan vaak oorzaak.
In de periode 1992-1999 regeerden centrumlinkse kabinetten onder leiding van de christendemocraat Jean-Luc Dehaene. Daarna volgden acht jaar 'paarse' kabinetten (liberalen, sociaaldemocraten en groenen) met de liberaal Guy Verhofstadt als premier. De parlementsverkiezingen van 2007 deden de politieke instabiliteit weer toenemen en een kabinet-Leterme kwam spoedig ten val, omdat het geen oplossing wist te bewerkstelligen voor het tweetalige kiesdistrict Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV). De vervroegde verkiezingen van 2010 leverden een sterk verdeeld parlement op, maar uiteindelijk kwam er een kabinet en werd ook de kwestie-BHV opgelost.
Het koninkrijk België is een federatie van de gewesten Vlaanderen, Wallonië en Brussel, met een federaal bestuur. België kent een constitutioneel parlementair stelsel en ministeriële verantwoordelijkheid. Naast een federale regering en parlement zijn er gewestelijk regeringen en parlementen. Het Vlaamse parlement is zowel vergadering van het Vlaamse gewest als van de Vlaamse Gemeenschap. De Franse en Duitse taalgemeenschappen hebben eveneens een eigen parlement, die vooral bevoegdheden hebben op cultureel en onderwijskundig gebied.
Het federale kabinet heeft bevoegdheden op alle nationale gebieden, zoals financiën, justitie, buitenlands beleid, het leger, de politie, de sociale zekerheid, overheidsbedrijven en federale instellingen voor cultuur en wetenschappen.
Het federale kabinet bestaat uit 15 ministers en de eerste minister. Er moeten evenveel Franstalige als Nederlandstalige ministers zijn. Voor het kabinet kan regeren, wordt er in de Kamer van Volksvertegenwoordigers een vertrouwensstemming gehouden. In de Kamer kan ook nadien steeds de vertrouwenskwestie aan de orde worden gesteld.
Regering en parlement (beide Kamers) hebben recht van initiatief en recht van amendement (de regering mag dus ook wijzigingen voorstellen op parlementaire initiatieven). De belangrijke wetsvoorstellen moeten in beide Kamers worden behandeld, in andere gevallen kan de Senaat slechts op eigen initiatief daarbij betrokken worden (bijvoorbeeld zelf voorstellen indienen of wijzigingen voorleggen). De Kamer heeft het laatste woord, de Senaat is 'bezinningskamer'. Beide Kamers hebben tevens een controlerende taak. De Senaat heeft echter geen budgetrecht.
kiesstelsel
De 150 leden van de Kamer van Volksvertegenwoordigers worden in 11 kieskringen gekozen op basis van evenredige vertegenwoordiging. De kieskringen vallen samen met de negen provincies en de arrondissementen Brussel-Halle-Vilvoorde (gewest Brussel en Halle-Vilvoorde) en Leuven. Er zijn geen landelijke lijsten: in Vlaanderen kan alleen op Vlaamse kandidaten worden gestemd en in Wallonië op Waalse. België kent een opkomstplicht.
De Senaat telt 74 leden, van wie er 40 rechtstreeks worden gekozen in twee kiescolleges die samenvallen met de taalgroepen (de Duitstaligen behoren daarbij tot het Franstalige gebied). Voorts zijn er 21 gemeenschapssenatoren (vertegenwoordigers van de deelstaten), 10 gecoöpteerde senatoren (gekozen door de drie taalgroepen) en 3 senatoren van rechtswege (de prinsen Filip en Laurent en prinses Astrid).
partijen
Vlaanderen en Wallonië hebben eigen politieke partijen, die in sommige gevallen wel nauw aan elkaar verwant zijn. Dat geldt voor de christendemocraten met CD&V en cdH, voor de sociaaldemocraten met SP-A en PS, voor de liberalen met Open VLD en MR en voor de Groenen met Groen! en Ecolo.
In Vlaanderen zijn enkele specifiek Vlaamse partijen, te weten de gematigde Vlaams-nationalistische Nieuw-Vlaamse Alliantie, het extreemrechtse Vlaams Belang en de populistisch-liberale Lijst Dedecker.
Het kabinet-Di Rupo telt dertien ministers, zes Vlamingen en zeven Walen, onder wie premier Di Rupo. Belangrijke ministers in het kabinet zijn Didier Reynders (MR, Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel), Steven Vanackere (CD&V, Financiën en Duurzame Ontwikkeling), Johan Vande Lanotte (SP.a, Economie), Joëlle Milquet (cdH, Binnenlandse Zaken) en Laurette Onkelinx (PS, Sociale Zaken en Volksgezondheid).
jaar |
CVP |
PSC |
BSP |
PS |
PVV |
PRL |
VU |
FDF |
Aga- lev |
Eco- lo |
VB |
Ov. |
tot. |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
1958 |
104 |
84 |
21 |
1 |
2 |
212 |
|||||||
1961 |
96 |
84 |
20 |
5 |
7 |
212 |
|||||||
1965 |
77 |
64 |
48 |
12 |
11 |
212 |
|||||||
1968 |
69 |
59 |
47 |
20 |
12 |
5 |
212 |
||||||
1971 |
67 |
61 |
34 |
21 |
24 |
5 |
212 |
||||||
1974 |
50 |
22 |
26 |
33 |
21 |
12 |
22 |
9 |
17 |
212 |
|||
1977 |
56 |
24 |
27 |
35 |
17 |
16 |
20 |
10 |
7 |
212 |
|||
1981 |
43 |
18 |
26 |
35 |
28 |
24 |
20 |
6 |
2 |
2 |
1 |
4 |
212 |
1985 |
49 |
20 |
32 |
35 |
22 |
24 |
16 |
3 |
4 |
5 |
1 |
212 |
|
1987 |
42 |
19 |
32 |
40 |
25 |
23 |
16 |
3 |
6 |
3 |
2 |
212 |
|
1991 |
39 |
18 |
28 |
35 |
26 |
20 |
10 |
3 |
7 |
10 |
12 |
3 |
212 |
1995 |
29 |
12 |
20 |
21 |
21 |
18 |
5 |
5 |
6 |
11 |
212 |
||
- |
CD &V |
cdH |
SP-A |
PS |
VLD |
MR |
VU |
NVA |
Gr! |
Eco- lo |
VB |
Ov. |
|
1999 |
22 |
10 |
14 |
19 |
23 |
18 |
8 |
9 |
11 |
15 |
150 |
||
2003 |
21 |
8 |
23 |
25 |
25 |
24 |
1 |
4 |
18 |
150 |
|||
2007 |
30 |
10 |
14 |
20 |
18 |
23 |
4 |
12 |
17 |
5 |
150 |
||
2010 |
17 |
9 |
13 |
26 |
13 |
18 |
27 |
5 |
13 |
12 |
2 |
150 |
naam |
periode |
kleur |
partijen |
belangrijke ministers |
|---|---|---|---|---|
Eyskens II |
23 juni-6 november 1958 |
centrum |
CVP/PSC |
BuZa: Wigny |
Eyskens III |
6 november 1958- 3 september 1960 |
centrum-rechts |
CVP/PSC-Lib. |
BuZa: Wigny |
Eyskens IV |
3 september 1960- 25 april 1961 |
centrum-rechts |
CVP/PSC-Lib. |
BuZa: Spaak |
Lefèvre |
25 april 1961- 27 juni 1965 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP |
BuZa: Spaak |
Harmel |
27 juni 1965- 19 maart 1966 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS |
BuZa: Spaak Fin: G. Eyskens |
Vanden Boeynants I |
19 mrt 1966-17 juni 1968 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS |
BuZa: Harmel |
Eyskens V |
17 juni 1968-21 jan. 1972 |
centrum |
CVP/PSC |
BuZa: Harmel |
Eyskens VI |
21 januari 1972- 25 januari 1973 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/SP |
BuZa: Harmel |
Leburton I |
25 januari-23 okt. 1973 |
grote coalitie |
CVP/PSC-SP/SP-PVV/PRL |
BuZa: Van Elslande Fin: De Clercq |
Leburton II |
23 oktober 1973- 25 april 1974 |
grote coalitie |
CVP/PSC-SP/SP-PVV/PRL |
BuZa: Van Elslande Fin: De Clercq |
Tindemans I |
25 april 1974- 3 juni 1977 |
centrum-rechts |
CVP/PSC-PVV/PRL |
BuZa: Van Elslande Fin: De Clercq |
Tindemans II |
3 juni 1977- 20 oktober 1978 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS-VU-FDF |
BuZa: Simonet |
Vanden Boeynants II |
20 oktober 1978- 3 april 1979 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS-VU |
BuZa: Simonet |
Martens I |
3 april 1979- 23 januari 1980 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS-VU-FDF |
BuZa: Simonet |
Martens II |
23 januari-18 mei 1980 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS |
BuZa: Simonet |
Martens III |
18 mei-22 okt. 1980 |
grote coalitie |
CVP/PSC-SP/PS-PVV/PRL |
BuZa: Nothomb |
Martens IV |
22 oktober 1980- 6 april 1981 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS |
BuZa: Nothomb Fin: M. Eyskens |
M. Eyskens |
6 april-17 dec. 1981 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS |
BuZa: Nothomb |
Martens V |
17 december 1981- 28 november 1985 |
centrum-rechts |
CVP/PSC-SP/PS-PVV/PRL |
BuZa: Tindemans Fin: De Clercq 1985 Grootjans |
Martens VI |
28 november 1985- 21 oktober 1987 |
centrum-rechts |
CVP/PSC-SP/PS-PVV/PRL |
BuZa: Tindemans Fin: M. Eyskens |
Martens VII |
21 oktober 1987- 9 mei 1988 |
centrum-rechts |
CVP/PSC-SP/PS-PVV/PRL |
BuZa: Tindemans |
Martens VIII |
9 mei 1988- 29 september 1991 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS-VU |
BuZa: Tindemans 1989 M. Eyskens |
Martens IX |
29 september 1991- 7 maart 1992 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS |
BuZa: Tindemans |
Dehaene I |
7 maart 1992- 23 juni 1995 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS |
BuZa: Claes 1994 Vandenbroucke |
Dehaene II |
23 juni 1995-12 juli 1999 |
centrumlinks |
CVP/PSC-SP/PS |
BuZa: Derycke |
Verhofstadt I |
12 juli 1999-11 juli 2003 |
paars |
VLD/MR-SP/PS-Agalev/Ecolo |
BuZa: Michel |
Verhofstadt II |
11 juli 2003- 21 december 2007 |
paars |
VLD/MR-SP/PS |
BuZa: Michel 2004: De Gucht |
Verhofstadt III |
21 december 2007- 20 maart 2008 |
grote coalitie |
CD&V/cdH-VLD/MR-PS |
BuZa: De Gucht |
Leterme I |
20 maart-30 dec. 2008 |
grote coalitie |
CD&V/cdH-VLD/MR-PS |
BuZa: De Gucht |
Van Rompuy |
30 december 2008- 25 november 2009 |
grote coalitie |
CD&V/cdH-VLD/MR-PS |
BuZa: De Gucht 2009 Leterme Fin: Reynders |
Leterme II |
25 november 2009-6 december 2011 |
grote coalitie |
CDV/cdH-VLD/MR-PS |
BuZa: Vanackere Fin: Reynders |
Di Rupo |
6 december 2011-heden |
grote coalitie |
PS-SP.a-CDV/cdH-VLD/MR-PS |
BuZa: Reynders Fin: Vanackere |
hoofdstad |
Brussel |
|---|---|
staatshoofd |
Koning Albert II (vanaf 9 augustus 1993); Rechtmatige Troonopvolger Prins Philippe, zoon van de monarch |
regeringsleider |
Premier Elio DI Rupo (vanaf 6 december 2011); Vice-premier Alexander De Croo (vanaf 22 oktober 2012); Joelle Milquet (vanaf 20 maart 2008); Laurette Onkelinx (vanaf 30 december 2008); Didier Reynders (vanaf 30 december 2008); Pieter De Crem (vanaf 5 maart 2013) |
aantal inwoners |
10.444.268 |
2,1% van de EU |
|---|---|---|
% van de bevolking jonger dan 15 |
15.7% (mannen: 835.569/vrouwen: 801.959) |
|
% van de bevolking van 15 t/m 24 |
11.8% (mannen: 629.753/vrouwen: 603.550) |
|
% van de bevolking van 25 t/m 54 |
40.6% (mannen: 2.145.075/vrouwen: 2.100.014) |
|
% van de bevolking van 55 t/m 64 |
13.2% (mannen: 681.946/vrouwen: 695.188) |
|
% van de bevolking ouder dan 65 |
18.7% (mannen: 819.694/vrouwen: 1.131.520) |
|
gemiddelde levensverwachting |
79.78 jaar |
|
geletterdheid |
99% |
|
bruto binnenlands product (bbp) |
$419,6 miljard |
2,6% van de EU |
|---|---|---|
bijdrage van landbouw aan bbp |
0.7% |
|
bijdrage van industrie aan bbp |
22.3% |
|
bijdrage van dienstensector aan bbp |
77% |
|
werkloosheid |
7.6% |
|
oppervlakte |
30.528 km² |
0,7% van de EU |
|---|---|---|
laagste punt |
North Sea 0 m |
|
hoogste punt |
Botrange 694 m |
|
aantal zetels in het |
22 van de 754 zetels |
||||
|---|---|---|---|---|---|
stemgewicht in de |
12 van de 345 stemmen |
||||
gastland Europese |
Europese raad van ministers: |
||||
prominenten in |
Europese Commissie:
vaste voorzitter Europese Raad:
|
