Nederlandse Grondwet:
Artikel 7: Vrijheid van meningsuiting; censuurverbod
Submenu:
-
04-05-2011Donner: oneigenlijk gebruik Wet Openbaarheid van Bestuur aanpakken
-
04-10-2010Geert Wilders voor rechtbank vanwege belediging en aanzetten tot discriminatie en haat
-
01-09-2010Minister: online publicatie NSB-kranten niet strafbaar
-
17-08-2010Tweede Kamervragen over publicatie NSB-uitgaven
-
03-05-2010Wereldomroep: Nederland krijgt een zesje voor persvrijheid
-
09-04-2010Staat mag vrouwenstandpunt SGP niet langer toestaan
-
27-05-2009VVD: Raken we onze vrijheid kwijt?
-
27-05-2009PvdA: Vrijheid van meningsuiting
-
12-03-2009‘Bescherm Kamerlid’
-
29-01-2009Vervolgd om je mening
-
22-01-2009Uitingsvrijheid bedreigd? De ware vrijheid luistert naar de wetten
-
22-01-2009Geert Wilders is al bij voorbaat veroordeeld
-
03-12-2008‘Gesloten deur’ gaat open
-
03-12-2008Nederland normaler
-
05-07-2008Humor of haat
-
28-04-2008Balkenende vs. Opinio is politiek proces
-
05-04-2008door Paul Cliteur - Terroristen dreigen onze vrijheid te bepalen
-
05-04-2008Onze politici moeten worden geschoold in helder nadenken - Politiek blundert in affaire Fitna
-
05-04-2008Hoe moslimfanatici in het buitenland het debat in Nederland dreigen te dicteren
Artikel 7: Vrijheid van meningsuiting; censuurverbod - Hoofdinhoud
-
1.Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.
-
2.De wet stelt regels omtrent radio en televisie. Er is geen voorafgaand toezicht op de inhoud van een radio- of televisieuitzending.
-
3.Voor het openbaren van gedachten of gevoelens door andere dan in de voorgaande leden genoemde middelen heeft niemand voorafgaand verlof nodig wegens de inhoud daarvan, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet. De wet kan het geven van vertoningen toegankelijk voor personen jonger dan zestien jaar regelen ter bescherming van de goede zeden.
-
4.De voorgaande leden zijn niet van toepassing op het maken van handelsreclame.
Dit artikel beschermt de vrijheid van meningsuiting. Het eerste lid verbiedt preventieve censuur op uitingen via de drukpers en, zoals in de rechtspraak is erkend, via daarmee op één lijn te stellen middelen om je mening te uiten.
Voor radio en televisie bevat het tweede lid van artikel 7 een zelfstandige regeling. Een vergunningenstelsel voor de omroep is wel toegestaan, maar preventieve censuur op de uitzendingen niet. De uitwerking van het tweede lid is vorm gegeven in de Mediawet.
Het derde lid legt voor alle andere middelen tot meningsuiting (film, toneel, enz.) het recht vast, in vrijheid de inhoud van een meningsuiting te bepalen.
Daartoe verbiedt dit lid preventieve censuur. Een uitzondering wordt gemaakt voor het geven van vertoningen toegankelijk voor personen jonger dan 16 jaar.
Handelsreclame valt niet onder de bescherming van dit artikel. Zo mag bijvoorbeeld een gemeente of provincie het plaatsen van een reclamebord verbieden om aantasting van natuurschoon te voorkomen.
In Nederland mag je zeggen en schrijven wat je denkt zonder daar eerst toestemming voor te vragen. Maar de rechter kan je achteraf wel straffen, als je iets zegt of schrijft dat niet mag volgens een ander artikel van de Grondwet of een andere wet.
Uitleg
In dit artikel is de vrijheid van meningsuiting geregeld. In onze democratie is het zo dat je niet eerst toestemming hoeft te hebben voordat je iets schrijft of zegt. We hebben in Nederland dus geen censuur. Dat betekent niet dat je alles mag zeggen en schrijven zonder dat je daarvoor straf kan krijgen. Dat kan namelijk wel. Als je bijvoorbeeld iets zegt dat voor andere mensen kwetsend of beledigend is, kunnen ze naar de rechter gaan. De rechter kan dan toch nog een straf opleggen.
Dit artikel geldt ook voor radio of televisie. Ook radio- en televisieomroepen mogen uitzenden wat ze wllen. Ook zij kunnen achteraf straf krijgen als ze zich niet aan andere wetten hebben gehouden. Het artikel geldt ook voor toneel of film.
Er zijn wel uitzonderingen. De overheid kan bijvoorbeeld van tevoren regels opstellen voor jongeren onder de 16 jaar, zoals gebeurt bij de filmkeuring.
Voor reclame gelden ook andere regels. De overheid mag bijvoorbeeld een reclamebord in een natuurgebied verbieden.
07-04-2009 TK - Vragen van het lid Wilders aan de minister-president, minister van Algemene Zaken, over de berichten "Rasmussen moet alsnog excuses maken voor cartoons" en "Obama voor EU-lidmaatschap Turkije".
10-03-2009 TK - Interpellatie-Rutte, gericht tot de minister-president en de minister van Buitenlandse Zaken, over het niet uitvoeren van een motie over de weigering van het Verenigd Koninkrijk om toegang te verlenen aan het lid Wilders.
02-09-2008 TK - spoeddebat over de totstandkoming van een steunverklaring aan het weekblad Bluf!
20-05-2008 TK - spoeddebat over het vastzetten van een cartoonist.
01-04-2008 TK - debat over de verklaring van de minister-president, de minister van Algemene Zaken, over de internetfilm Fitna.
11-10 2007 algemeen overleg TK - Actieplan polarisatie en radicalisering.
Ter oriëntatie
-
-Vrijheid van meningsuiting, Nationaal Comité 4 en 5 mei, 1992
Wetenschappelijk
-
-Grondrechten en rechtsbescherming in Nederland, P.W.C. Akkermans, C.J. Bax, L.F.M. Verhey, 3e druk,
De uitingsvrijheid, blz 61 t/m 71.
-
-De Grondwet onder redactie van P.W.C. Akkermans en A.K. Koekoek, Artikel 7, blz. 416 t/m 198.
-
-Handboek van het Nederlandse staatsrecht, Van der Pot (bewerkt door D.J. Elzinga, R. de Lange), 15e druk, Het recht op politieke vrijheid, blz 327 t/m 364.
Via de Rijksoverheid komen veel vragen over werken bij de overheid binnen, zoals:
Hebt u een andere vraag? Klik dan hier om deze online aan de Rijksoverheid te stellen. Of bel gratis 0800-8051.
De European Commission for Democracy through Law van de Raad van Europa - ook bekend als de Venice Commission - onderhoudt een database die de constituties en belangrijke constitutionele jurisprudentie van een groot aantal landen via een zeer gedetailleerde systematische index toegankelijk maakt.
| 5.3.19 | Freedom of opinion |
| 5.3.21 | Freedom of expression |
| 5.3.22 | Freedom of the written press |
| 5.3.23 | Rights in respect of the audiovisual media and other means of mass communication |
Klik hier om deze systematische index te openen, ga naar de gewenste onderwerpcode en klik op Précis voor relevante jurisprudentie of op Const. voor relevante constituties.
Ieder Burger mag zijn gevoelens uiten en verspreiden, op zoodanige wijze, als hij goedvindt, des niet strijdig met het oogmerk der Maatschappij. De vrijheid der Druk-pers is heilig, mids de Geschriften met den naam van Uitgever, Drukker, of Schrijver voorzien zijn. Dezen allen zijn, ten allen tijde, aansprakelijk voor alle zoodanige bedrijven, door middel der Drukpers, ten aanzien van afzonderlijke personen, of der gantsche Maatschappij, begaan, die door de Wet als misdadig erkend zijn.
Het is aan elk geoorloofd om zijne gedachten en gevoelens door de drukpers, als een doelmatig middel tot uitbreiding van kennis en voortgang van verlichting, te openbaren, zonder eenig voorafgaand verlof daartoe noodig te hebben, blijvende nogtans elk voor hetgeen hij schrijft, drukt, uitgeeft of verspreidt, verantwoordelijk aan de maatschappij of bijzondere personen, voor zoo verre dezer regten mogten zijn beleedigd.
Niemand heeft voorafgaand verlof noodig, om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.
-
1.Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.
-
2.De wet stelt regels omtrent radio en televisie. Er is geen voorafgaand toezicht op de inhoud van een radio- of televisieuitzending.
-
3.Voor het openbaren van gedachten of gevoelens door andere dan in de voorgaande leden genoemde middelen heeft niemand voorafgaand verlof nodig wegens de inhoud daarvan, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet. De wet kan het geven van vertoningen toegankelijk voor personen jonger dan zestien jaar regelen ter bescherming van de goede zeden.
-
4.De voorgaande leden zijn niet van toepassing op het maken van handelsreclame.
