Nederlandse Grondwet:
Artikel 67: Quorum; stemming

 
66 Artikel 67 68
  • 1. 
    De kamers mogen elk afzonderlijk en in verenigde vergadering alleen beraadslagen of besluiten, indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden ter vergadering aanwezig is.
  • 2. 
    Besluiten worden genomen bij meerderheid van stemmen.
  • 3. 
    De leden stemmen zonder last.
  • 4. 
    Over zaken wordt mondeling en bij hoofdelijke oproeping gestemd, wanneer één lid dit verlangt.
In het Engels|In het Frans|In het Spaans  

1.

Toelichting

De Kamers (ook in verenigde vergadering) mogen alleen vergaderen als de helft van het aantal leden aanwezig is.

Besluiten worden genomen bij meerderheid van stemmen. Soms is voor een besluit een twee/derde meerderheid nodig, maar alleen als dat in de Grondwet is bepaald.

De leden stemmen zonder last. Dat betekent dat zij vrij moeten zijn om te stemmen. De Kamerleden mogen wel met anderen (binnen en buiten het parlement) overleggen, maar mogen niet 'in opdracht van anderen' besluiten nemen.

2.

In eenvoudig Nederlands

  • 1. 
    De Eerste Kamer, de Tweede Kamer en de vergadering van de beide kamers samen mogen alleen vergaderen en beslissingen nemen, als meer dan de helft van de Kamerleden aanwezig is.
  • 2. 
    De twee Kamers nemen beslissingen met een meerderheid van stemmen.
  • 3. 
    Kamerleden beslissen zelf wat ze stemmen.
  • 4. 
    Als een lid van een Kamer dat wil, moeten de Kamerleden één voor één zeggen wat ze stemmen.

Uitleg

De Kamers mogen alleen vergaderen en beslissingen nemen als meer dan de helft van de Kamerleden aanwezig is.

Hoe nemen de Kamers beslissingen? Een Kamerlid of een aantal Kamerleden samen of een minister doet een voorstel. Bijvoorbeeld dat we niet meer mogen roken in cafés en restaurants. Als meer dan de helft van de aanwezige Kamerleden het er mee eens is dat dit in de wet komt, dan gebeurt dit. Als minder dan de helft van de aanwezige Kamerleden het hiermee eens is, dan gebeurt er niets. Dus, de Kamers beslissen met een meerderheid van stemmen.

De Kamerleden beslissen zelf wat ze stemmen. Ze mogen niet in opdracht van iemand stemmen. Niet in opdracht van anti-rookactiegroepen en ook van sigarettenfabrikanten.

3.

In de visie van Kortmann

In 2008 heeft prof. dr. C.A.J.M. Kortmann een voorstel gedaan voor een "goede grondwet die inzichtelijk en bij de tijd is" . Voor dit artikel deed hij de volgende suggestie:

Artikel 7.2

De leden stemmen zonder last.

Artikel 7.3

Besluiten worden (...) genomen bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

4.

Ontwikkeling artikel

1798

Geene der beide Kamers kan wettiglijk raadpleegen, tenzij de volstrekte meerderheid van alle derzelver Leden in de Vergadering tegenwoordig zij.

Alleen in geval van verplaatsing van het Vertegenwoordigend Lichaam naar eene andere Residentieplaats, kan Hetzelve, geduurende vier Weeken, na den bepaalden dag der zamenkomst, raadpleegen, schoon de meerderheid van alle de Leden, in de beide Kamers, of in ééne derzelven, niet tegenwoordig zij.

1815

Geene der beide Kamers vermogen eenige zaak te beslissen, zoo niet meer dan de helft van hare leden tegenwoordig is.

=
1840: art 102, 1848: art 100, 1887: art 105, 1917: art 105, 1922: art 106, 1938: art 108, 1948: art 108, 1953: art 115, 1956: art 115, 1963: art 115, 1972: art 115
1983
  • 1. 
    De kamers mogen elk afzonderlijk en in verenigde vergadering alleen beraadslagen of besluiten, indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden ter vergadering aanwezig is.
  • 2. 
    Besluiten worden genomen bij meerderheid van stemmen.
  • 3. 
    De leden stemmen zonder last.
  • 4. 
    Over zaken wordt mondeling en bij hoofdelijke oproeping gestemd, wanneer één lid dit verlangt.
=
1987: art 67, 1995: art 67, 1999: art 67, 2000: art 67, 2002: art 67, 2005: art 67, 2006: art 67, 2008: art 67
 
 

                                                                                                                                                                         

 

Inhoud

  • Contact
  • Home