Antwoorden op vragen D66 over het aftappen van mobiele telefoons door defensiepersoneel

publicatie datum 3 maart 1998
Kamer Tweede Kamer
beantwoordende ministerie Defensie
kamerleden J.Th. (Jan) Hoekema
partijen Democraten 66

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Vergaderjaar 1997–1998

Aanhangsel van de Handelingen

Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden

769

Vragen van het lid Hoekema (D66) overhet aftappen van mobiele telefoons door defensiepersoneel. (Ingezonden 4 februari 1998)

1

Herinnert u zich uw eerdere antwoorden op vragen van diverse leden inzake het aftappen van mobiele telefoons door defensiepersoneel?1

2

Erkent u dat het aftappen van telefoonverkeer door defensiepersoneel weliswaar aan strikte regels is gebonden2, maar dat het voor defensiepersoneel met een technische achtergrond zeer eenvoudig is om GSM-telefoons af te luisteren?

3

Zo ja, acht u maatregelen noodzakelijk om het technisch gezien minder eenvoudig of onmogelijk te maken voor defensiepersoneel om GSM-telefoons af te luisteren?

1  Aanhangsel Handelingen nrs. 433, 434 en 435, vergaderjaar 1997–1998.

2  conform uw beantwoording van de aangehaalde vragen.

Antwoord

Antwoord van minister Voorhoeve (Defensie). (Ontvangen 26 februari 1998)

1 Ja.

2 en 3

Zoals ik op eerdere vragen inzake het aftappen van mobiele telefoons door defensiepersoneel heb geantwoord, acht ik het afluisteren van dienstgesprekken slechts onder voorwaarden in bijzondere situaties toelaatbaar. Bij mijn beantwoording op genoemde vragen heb ik eveneens aangegeven dat GSM-verkeer dat niet wordt gevoerd via een dienstcentrale, niet wordt afgeluisterd. Er bestaat daartoe ook geen bevoegdheid. Interceptie van mobiel telefoonverkeer is, afhankelijk van de toegepaste communicatietechniek, relatief eenvoudig en goedkoop tot zeer complex en zeer kostbaar. In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat het afluisteren van GSM-verkeer dat niet via een dienstcentrale loopt zeer complex is en dat het voor personen, ook indien deze over een technische achtergrond beschikken, niet eenvoudig is dit verkeer af te luisteren.

Tweede Kamer, vergaderjaar 1997–1998, Aanhangsel

1575