Antwoorden op vragen CDA over het wegsturen van een studente door de Wit-Russische autoriteiten vanwege deelname aan Civil Society Forum in Brussel

publicatie datum 28 januari 2010
Kamer Tweede Kamer
bevraagde ministerie Buitenlandse Zaken i
beantwoordende ministerie Buitenlandse Zaken i
kamerleden M.C. (Maarten) Haverkamp i
P.H. (Pieter) Omtzigt i
partijen Christen-Democratisch Appèl i

Tweede Kamer der Staten-Generaal

2

Vergaderjaar 2009–2010

Aanhangsel van de Handelingen

Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden

1276

Vragen van de leden Haverkamp en Omtzigt (beiden CDA) aan de minister van Buitenlandse Zaken over het wegsturen van een studente door de Wit-Russische autoriteiten vanwege deelname aan Civil Society Forum in Brussel. (Ingezonden 16 december 2009)

1

Heeft u kennisgenomen van het bericht van een groot aantal Wit-Russiche non-gouvernementele organisaties dat op 3 december 2009 een Wit-Russische student is weggestuurd van de Staatsuniversiteit in Wit-Rusland?1

2

Deelt u de mening dat er mogelijk een relatie ligt tussen het wegsturen van deze student van de universiteit en haar deelname aan het Oostelijke Partnerschap Civil Society Forum in Brussel onlangs? Zo ja, deelt u de mening dat het bezoeken en deelnemen aan het forum, met als doel het faciliteren van dialoog en coöperatie tussen maatschappelijke organisaties en overheden van het partnerschap, geen reden mag zijn voor het van school sturen van een studente?

3

Ziet u in deze Wit-Russische handelswijze bevestigd dat de autoriteiten nog niet toe zijn aan een constructieve deelname aan het Oostelijke Partnerschap Programma,

waarin het maatschappelijk middenveld een belangrijke rol dient te krijgen?

4

Op welke wijze zult u in contact treden met de Wit-Russische autoriteiten, eventueel in EU- en Raad van Europa-verband, om deze zaak voor te leggen, en de Nederlandse verontrusting uit te spreken over de manier waarop burgers worden behandeld wanneer zij actief zijn binnen het maatschappelijk middenveld en oproepen tot een constructieve opstelling in het kader van het Oostelijke Partnerschap Programma met ruimte voor maatschappelijke organisaties?

1 Office for a Democratic Belarus, «Show solidarity with Belarusian student» http://democraticbelarus.eu/

Antwoord

Antwoord van minister Verhagen (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 19 januari 2010)

1 Ja.

2

Ik deel uw mening en betreur het ten zeerste dat de Wit-Russische studente, Tatsjana Sjapoetska, van de universiteit is weggestuurd vanwege haar deelname aan het Oostelijk Partnerschap Civil Society Forum in Brussel op 16-17 november jl.

3

In het Oostelijk Partnerschap neemt Wit-Rusland actief deel aan de vier zogenaamde multilaterale platforms, waarvan de Europese Commissie, de EU-lidstaten, de zes partnerlanden en specifiek uitgenodigde organisaties deel uitmaken. Eén van deze platforms betreft «Democratie, goed bestuur en stabiliteit». Hierin kunnen de lidstaten de waarden en normen, die de basis voor het Oostelijk Partnerschap vormen, met de partnerlanden bespreken. Ook in dit platform zal Wit-Rusland op zijn gedragingen, waaronder het wegsturen van de studente, worden aangesproken. Het Oostelijk Partnerschap is derhalve een waardevol forum voor contacten en discussies met Wit-Rusland over onder andere waarden en normen.

4

Ik heb de kwestie laten opbrengen bij het EU-voorzitterschap. Minister Bild heeft daarop aan de Wit-Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergei Martinov, tijdens de eerste ministeriële bijeenkomst van het Oostelijk Partnerschap op 8 december jl. overgebracht dat het wegsturen van een studente van de universiteit onaanvaardbaar is. Ik blijf deze kwestie volgen en ik zal vanzelfsprekend de Nederlandse zorgen in bilateraal en multilateraal verband blijven opbrengen.

KVR39040 2009Z24685 0910tkkvr1276 ISSN 0921 - 7398 Sdu Uitgevers ’s-Gravenhage 2010

Tweede Kamer, vergaderjaar 2009–2010, Aanhangsel

2713