Nederlandse Grondwet:
Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlanden (1999)

1.

Onderverdeling

2.

Grondwetsherziening 1999

In 1999 werd in de Grondwet gewijzigd op de volgende punten

  • voogdij minderjarige koning (artikel 34)
  • de Nationale Ombudsman (artikel 78a)
  • vervallen van additionele artikelen

Voogdij minderjarige koning (artikel 34)

Het ouderlijk gezag en het toezicht op de voogdij en het ouderlijk gezag werden aan de eerste volzin van artikel 34 toegevoegd: 'De wet regelt het ouderlijk gezag en de voogdij over de minderjarige Koning en het toezicht daarop'.

Nationale Ombudsman (artikel 78a)

Met een Grondwetswijziging betreffende de Nationale ombudsman (artikel 78a) werd de volwassenwording van het klachtrecht van burgers tegen de overheid, en de verankering van het instituut van de Nationale ombudsman in het Nederlandse staatsbestel gemarkeerd. Het nieuwe artikel omschrijft de hoofdtaak van de Nationale ombudsman en de hoofdlijn van diens benoemingsprocedure. Tevens is met deze wijziging artikel 108 komen te vervallen en is de Nationale ombudsman of substituut-ombudsman in artikel 57 ingevoegd.

Additionele artikelen

Net als in 1995 werden nu ook weer enkele uitgewerkte additionele artikelen en uitgewerkte additionele artikelen betreffende Koninkrijksaangelegenheden geschrapt.

3.

Versies

                                                                                                                                                                         

 

Inhoud

  • Contact
  • Home