Artikel 11: Onaantastbaarheid lichaam

10
Artikel 11
12

Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op onaantastbaarheid van zijn lichaam.


In andere talen:

English "English"
Français "Français"
Deutsch "Deutsch"
Español "Español"

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Toelichting

In dit artikel staat het recht op de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam. Iedereen mag zelf bepalen wat er met zijn of haar lichaam gebeurt, welke medische handelen worden verricht en welke medicijnen worden ingenomen.

Beperkingen zijn alleen mogelijk als dit wettelijk is geregeld. Die staan bijvoorbeeld in de Politiewet 1993. Zo mag de politie een bloedproef van iemand verlangen of iemand fouilleren.

2.

Formele toelichting

Het recht op onaantastbaarheid van het menselijk lichaam is in artikel 11 neergelegd. Afzonderlijke opneming van dit recht naast de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer geeft expliciet uitdrukking aan de belangrijke betekenis van het recht in onze rechtsorde en sluit tevens de onzekerheid over de grondwettelijke bescherming daarvan uit.

Beperkingen op dit recht mogen uitsluitend plaatsvinden op wettelijke grondslag. Een voorbeeld van een dergelijke beperking kan worden gevonden in bepalingen in de Politiewet 1993 ter zaken van het geweldgebruik en de veiligheidsfouillering.

3.

In eenvoudig Nederlands

Iedereen heeft het recht om zelf te bepalen wat er met zijn lichaam gebeurt. In de wet kunnen uitzonderingen staan. In de wet kan ook staan dat iemand anders uitzonderingen kan maken.

Uitleg

Dit artikel hoort bij artikel 10 (Recht op privacy). Iedereen is de baas over zijn eigen lichaam. De overheid mag niets met je lichaam doen, als je dat niet wilt. Ook anderen mogen niets met je lichaam doen, als je dat niet wilt. Niemand mag je bijvoorbeeld pijn doen. Ook mag niemand je medicijnen geven, als je dat niet wilt. Zelfs medische keuring, of het knippen van je haren mag niet, als je daarvoor geen toestemming geeft.

In de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WBGO) staat dat een dokter je niet mag behandelen zonder je toestemming. In deze wet staat ook dat de dokter alles in begrijpelijke taal uit moet leggen, zowel mondeling als schriftelijk.

Er zijn wel uitzonderingen. De uitzonderingen staan in de wet. De politie mag bijvoorbeeld wel controleren of je iets in je zakken hebt wat niet mag (fouilleren). Dat mag alleen als ze denken dat je iets hebt gedaan wat strafbaar is. En de politie mag ook je bloed onderzoeken, als ze denken dat je dronken in je auto hebt gereden.

4.

In de visie van Kortmann

Nederland respecteert en waarborgt de menselijke waardigheid.

5.

Citaten

  • a. 
    Annelien Kappeyne van de Coppello (VVD) 14 mei 1979

    Het recht op eigen lijf (...) is het meest primaire, en naar moderne opvattingen ook het meest finale recht van de mens.

  • b. 
    prof.mr. C.A.J.M. Kortmann

    Zuiver juridisch bezien is artikel 11 dat (_) op aandrang van de Tweede Kamer is opgenomen, van geringe betekenis. Met de regering ben ik van oordeel dat de bepaling strikt genomen overbodig is, indien men aanneemt dat onder de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, bedoeld in artikel 10, eerste lid, tevens de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam is begrepen. (_) Nu artikel 11 dezelfde beperkingsclausule bevat als artikel 10, eerste lid, is de functie van artikel 11 beperkt tot het wegnemen van (een deel van) de onzekerheid omtrent de reikwijdte van de algemene privacy-bepaling. Zij heeft niet meer dan een explicatieve betekenis. Die betekenis moet dan bovendien gezocht worden in de uitgebreide parlementaire gedachtenwisseling omtrent de inhoud van het recht.

    Uit: C.A.J.M. Kortmann, De Grondwetsherziening 1983 (Deventer 1983) p. 92-93.

  • c. 
    Prof. mr. P.W.C. Akkermans, mr. C.J. Bax en prof. mr. L.F.M. Verhey:

    Wel duidelijk is dat het begrip lichaam (_) niet te ruim moet worden opgevat: bedoeld is alleen bescherming te bieden aan het menselijk lichaam, en niet aan de menselijke geest of de menselijke persoon als geheel. Voor een inbreuk op de geestelijke integriteit kan dus geen beroep worden gedaan op artikel 11, maar wel op artikel 10 Gw.

    Uit: P.W.C. Akkermans, C.J. Bax en L.F.M. Verhey (E), Grondrechten. Grondrechten en grondrechtsbescherming in Nederland (Groningen en Heerlen 1988) p. 86.

  • d. 
    Mr. J.L. de Reede:

    Juridisch is art. 11 Gw echter van geen groot belang, want het recht wordt op dezelfde wijze dat wil zeggen met dezelfde beperkingen erkend als het recht van art. 10 lid 1 Gw. Hoogstens kan men twisten of dit recht op eigen lijf, zoals mevrouw Kappeyne van de Coppello zelf het aanduidde, nu ook het recht omvat om over eigen lichaam vrij te beschikken en dus de beslissing over abortus en euthanasie in beginsel bij de betrokkenen laat. De onaantastbaarheid van het lichaam is daarbij zeker in het geding, in zoverre dat zulke ingrepen alleen met instemming van de betrokkene (informed consent) mogen plaats vinden.

    Uit: L. Prakke, J.L. de Reede en G.J.M van Wissen, Van der Pot-Donner. Handboek van het Nederlandse staatsrecht (14de druk; Deventer 2001) p. 340-341.

  • e. 
    Mr. D.E. Bunschoten:

    Aangenomen mag worden dat de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van art. 10 de onaantastbaarheid van het menselijk leven mede omvat. Art. 11 bevat eenzelfde beperkingsclausule als art. 10 lid 1 en is uit strikt juridisch oogpunt dan ook overbodig. Het heeft slechts een explicatieve betekenis.

    Uit: P.P.T. BovendEert e.a (red.) Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlanden. De tekst van de Grondwet, voorzien van commentaar (2de druk; Deventer 2004) p. 25

6.

Literatuur

Wetenschappelijk

  • Handboek van het Nederlandse staatsrecht, Van der Pot (bewerkt door D.J. Elzinga, R. de Lange), 15e druk, Het recht op persoonlijke vrijheid, blz 387 t/m 428.

7.

Ontwikkeling artikel

1798

De pijnbank wordt afgeschaft door de gantsche Republiek.

1801

By de bewaring en behandeling van Gevangenen wordt alle nuttelooze strengheid verboden; alle middelen van geweld, om dezelven tot bekentenis te brengen, zyn afgeschaft.

1983

Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op onaantastbaarheid van zijn lichaam.

1987: art 11, 1995: art 11, 1999: art 11, 2000: art 11, 2002: art 11, 2005: art 11, 2006: art 11, 2008: art 11, 2017: art 11