Artikel 12: Regering der Hollandsche Koloniën

11
Artikel 12
13

De Regering der Hollandsche Koloniën wordt door bijzondere Wetten bepaald: de ontvangst en uitgave der Koloniën zullen beschouwd worden, als uitmakende een gedeelte der ontvangst en uitgave van den Staat.

1.

Ontwikkeling artikel

1798

Het Bestuur over de Bezittingen in Asia, midsgaders over de Coloniën in Amerika en de Bezittingen op de Kust van Guinea, zal worden opgedragen aan twee onderscheiden Raaden, welken, ieder geheel afzonderlijk, zullen werken. Het eene zal worden genoemd de Raad van Asiatische Bezittingen en Etablissementen; het andere de Raad der Amerikaansche Coloniën en Bezittingen.

1801

Het inwendig Bestuur en de Wetten voor de Coloniën worden by de respective Chartres voor dezelve vastgesteld; dezelve blyven vereenigd onder een en het zelfde algemeen Bestuur nier te lande; wordende alle afzonderlyke Octroyen dienaangaande gehouden voor vernietigd.

1806

De Regering der Hollandsche Koloniën wordt door bijzondere Wetten bepaald: de ontvangst en uitgave der Koloniën zullen beschouwd worden, als uitmakende een gedeelte der ontvangst en uitgave van den Staat.

1887

De wetten zijn alleen voor het Rijk verbindende, voor zoover daarin niet is uitgedrukt dat zij voor de koloniën en bezittingen in andere werelddeelen verbindend zijn.

1917: art 122
1922

De wetten zijn alleen voor het Rijk verbindende, voor zoover daarin niet is uitgedrukt dat zij voor Nederlandsch-Indië, Suriname en Curaçao verbindend zijn.

1938: art 125
1948

De wetten zijn alleen voor het Rijk verbindende, voor zover daarin niet is uitgedrukt dat zij voor Indonesië, Suriname en de Nederlandse Antillen verbindend zijn.

1953: art 132
1956

De wetten zijn alleen voor het Rijk verbindende, voor zover daarin niet is uitgedrukt dat zij voor Nederlands Nieuw-Guinea verbindend zijn.

1963
1972: art 132