Deel IV: Algemene en slotbepalingen

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

IV-1 De symbolen van de Unie

De vlag van de Unie stelt een cirkel van twaalf gouden sterren op een blauw veld voor.

De hymne van de Unie is ontleend aan de "Ode aan de Vreugde" uit de negende symfonie van Ludwig van Beethoven.

Het devies van de Unie luidt: Eenheid in verscheidenheid.

De munt van de Unie is de euro.

De negende mei wordt in de gehele Unie als de "Dag van Europa" gevierd.

2.

Voetnoot

De Conventie is van oordeel dat dit artikel eigenlijk thuishoort in Deel I.

3.

IV-2 Intrekking van de vorige verdragen

Op de datum van inwerkingtreding van het verdrag tot instelling van de Grondwet worden ingetrokken, het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap en het Verdrag betreffende de Europese Unie, alsmede de akten en verdragen waarbij deze zijn gewijzigd of aangevuld en die zijn opgenomen in het aan het verdrag tot instelling van de Grondwet gehechte Protocol.

4.

IV-3 Juridische continuïteit ten aanzien van de Europese Gemeenschap en de Europese Unie

De Europese Unie treedt in de plaats van de Europese Gemeenschap en de Unie voor alle rechten en verplichtingen daarvan, hetzij intern hetzij uit internationale overeenkomsten voortvloeiende, die vóór de inwerkingtreding van het verdrag tot instelling van de Grondwet ontstaan zijn krachtens eerdere verdragen, protocollen en akten, met inbegrip van alle activa en passiva van de Gemeenschap en de Unie, alsmede hun archieven.

De bepalingen van de krachtens de in de eerste alinea genoemde verdragen en akten vastgestelde handelingen van de instellingen van de Unie blijven van kracht volgens de voorwaarden van het aan het verdrag tot instelling van de Grondwet gehechte protocol. De jurisprudentie van het Hof van Justitie blijft gelden als bron voor de uitlegging van het recht van de Unie.

5.

IV-4 Territoriaal toepassingsgebied

  • 1. 
    Het verdrag tot vaststelling van de Grondwet is van toepassing op het Koninkrijk België, het Koninkrijk Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje, de Franse Republiek, Ierland, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, de Republiek Oostenrijk, de Portugese Republiek, de Republiek Finland, het Koninkrijk Zweden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, en ...
  • 2. 
    Krachtens artikel III-329 van Deel III is het verdrag tot vaststelling van de Grondwet van toepassing op de Franse overzeese departementen, de Azoren, Madeira en de Canarische Eilanden.
  • 3. 
    De landen en gebieden overzee waarvan de lijst als bijlage II aan het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap is gehecht, vormen het onderwerp van de bijzondere associatieregeling omschreven in titel IV van het derde deel van het verdrag tot vaststelling van de Grondwet.

    Het verdrag tot vaststelling van de Grondwet is niet van toepassing op de landen en gebieden overzee die met het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland bijzondere betrekkingen onderhouden, die niet op bovengenoemde lijst voorkomen.

  • 4. 
    Het verdrag tot vaststelling van de Grondwet is van toepassing op de Europese grondgebieden welker buitenlandse betrekkingen door een lidstaat worden behartigd.
  • 5. 
    Het verdrag tot vaststelling van de Grondwet is van toepassing op de Åland-eilanden, overeenkomstig Protocol nr. 2 bij de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden.
  • 6. 
    In afwijking van de voorgaande leden:
    • a) 
      is het verdrag tot vaststelling van de Grondwet niet van toepassing op de Faeröer;
    • b) 
      is het verdrag tot vaststelling van de Grondwet niet van toepassing op de zones van Cyprus die onder de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland vallen;
    • c) 
      zijn de bepalingen van het verdrag tot vaststelling van de Grondwet op de Kanaaleilanden en op het eiland Man slechts van toepassing voorzover noodzakelijk ter verzekering van de toepassing van de regeling die voor deze eilanden is vastgesteld in het op 22 januari 1972 ondertekende Verdrag betreffende de toetreding van nieuwe lidstaten tot de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie.

6.

IV-5 Regionale unies

Het verdrag tot vaststelling van de Grondwet vormt geen beletsel voor het bestaan en de voltooiing van de regionale unies tussen België en Luxemburg alsmede tussen België, Luxemburg en Nederland, voorzover de doelstellingen van die regionale unies niet bereikt zijn door toepassing van genoemd verdrag.

7.

IV-6 Protocollen

De aan onderhavig verdrag gehechte protocollen maken een integrerend deel daarvan uit.

8.

IV-7 Procedure voor de herziening van het verdrag tot instelling van de Grondwet

  • 1. 
    De regering van iedere lidstaat, het Europees Parlement en de Europese Commissie kunnen aan de Raad van Ministers ontwerpen voorleggen tot herziening van het verdrag tot vaststelling van de Grondwet. Deze ontwerpen worden ter kennis gebracht van de nationale parlementen van de lidstaten.
  • 2. 
    Indien de Europese Raad, na raadpleging van het Europees Parlement en van de Europese Commissie, bij gewone meerderheid ermee instemt dat de voorgestelde wijzigingen worden besproken, roept de voorzitter van de Europese Raad een Conventie bijeen die is samengesteld uit vertegenwoordigers van de nationale parlementen van de lidstaten, de staatshoofden en regeringsleiders van de lidstaten, het Europees Parlement en de Commissie. Ook de Europese Centrale Bank wordt geraadpleegd in geval van institutionele wijzigingen op monetair gebied. De Europese Raad kan bij gewone meerderheid van stemmen, na goedkeuring door het Europees Parlement, besluiten de Conventie niet bijeen te roepen indien de reikwijdte van de wijzigingen bijeenroeping niet rechtvaardigt. In dit laatste geval stelt de Europese Raad het mandaat van de Conferentie van vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten vast.

    De Conventie buigt zich over de ontwerpen tot herziening en neemt bij consensus een aanbeveling aan de in lid 3 genoemde Conferentie van vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten aan.

  • 3. 
    De Conferentie van vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten wordt door de voorzitter van de Raad van Ministers bijeengeroepen, teneinde in onderlinge overeenstemming de in het verdrag tot vaststelling van de Grondwet aan te brengen wijzigingen vast te stellen.

    De wijzigingen treden in werking nadat zij door alle lidstaten overeenkomstig hun onderscheiden grondwettelijke bepalingen zijn bekrachtigd.

  • 4. 
    Indien vier vijfden van de lidstaten het verdrag houdende wijziging van het verdrag tot vaststelling van de Grondwet twee jaar na de ondertekening ervan hebben bekrachtigd en een of meer lidstaten moeilijkheden bij de bekrachtiging hebben ondervonden, behandelt de Europese Raad de zaak.

9.

IV-8 Aanneming, bekrachtiging en inwerkingtreding van het verdrag tot instelling van de Grondwet

  • 1. 
    Het verdrag tot vaststelling van de Grondwet zal door de Hoge Verdragsluitende Partijen worden bekrachtigd overeenkomstig hun onderscheiden grondwettelijke bepalingen. De akten van bekrachtiging zullen worden nedergelegd bij de regering van de Italiaanse Republiek.
  • 2. 
    Het verdrag tot vaststelling van de Grondwet treedt in werking op ..., mits alle akten van bekrachtiging zijn nedergelegd, of bij gebreke daarvan op de eerste dag van de maand die volgt op het nederleggen van de akte van bekrachtiging door de ondertekenende staat die als laatste deze handeling verricht.

10.

IV-9 Duur

Het verdrag tot vaststelling van de Grondwet wordt voor onbeperkte tijd gesloten.

11.

IV-10 Talen

Dit verdrag, opgesteld in één exemplaar, in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese, de Spaanse en de Zweedse taal, [de Tsjechische, de Estische, de Letse, de Litouwse, de Hongaarse, de Maltese, de Poolse, de Slowaakse en de Sloveense taal] zijnde de teksten in elk van deze talen gelijkelijk authentiek, zal worden nedergelegd in het archief van de regering van de Italiaanse Republiek, die een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toezendt aan de regeringen der andere ondertekenende staten.

12.

Voetnoot

Dit artikel zal overeenkomstig de Toetredingsakte moeten worden aangepast.