Brief van de leden Van der Burg en Stoffelen - Voorstel van Rijkswet van de leden Van der Burg en Stoffelen tot het in overweging nemen van een voorstel tot verandering in de Grondwet van de bepaling inzake het recht van onderzoek (enquête)

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Tekst

Nr. 4

BRIEF VAN DE LEDEN VAN DER BURG EN STOFFELEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 19 juni 1985

In afwijking van de Overgangsregeling inzake advisering door de Raad van State over initiatiefvoorstellen van wet (18293, nr. 1) geven de initiatiefnemers van het voorstel van Rijkswet 19029 (R 1286) u in overweging pas het initiatiefvoorstel ter advisering aan de Raad van State te zenden nadat in de Tweede Kamer de behandeling en stemming hebben plaatsgevonden. Het initiatiefvoorstel beoogt een wijziging van de Grondwet en moet derhalve in twee lezingen door beide Kamers der Staten-Generaal worden goedgekeurd. Bij indiening van het initiatiefvoorstel was het advies van de Raad van State bekend op wetsvoorstel 16915 (R1172), dat evenwel niet in de Eerste Kamer de vereiste meerderheid der stemmen verkreeg, zodat de Grondwet van 1983 op het punt van het recht van enquête onveranderd is gebleven. Met het thans ingediende initiatiefvoorstel is dezelfde materie aan de orde, zij het dat de initiatiefnemers menen dat in belangrijke mate tegemoet is gekomen aan de wensen van een grote meerderheid van de Tweede Kamer en de bedenkingen destijds geuit in de Eerste Kamer. De initiatiefnemers menen dat hun verzoek aan u terzake van de advisering van de Raad van State in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen en dat met de bedenkingen van de Raad van State, geuit bij wetsvoorstel 16915 (R1172), reeds bij de aanvang van de wetgevingsprocedure in dit bijzondere geval bij deze initiatiefwet rekening kon worden gehouden.

Van der Burg Stoffelen

 
 
 

2.

Meer informatie