Korte Grondwet 2019

Paul Scholten

Een herziening van de schets van 2016

Op uitnodiging van de redactie van denederlandsegrondwet.nl, een initiatief van het Montesquieu Instituut, heeft Paul Scholten, oud-burgemeester van Delfzijl, Soest en Arnhem (1973 – 2001) zijn ‘Schets van een Korte Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlanden’, uitg. WoltersKuwer van 2016, in een herziene editie 2019 voor deze website ter beschikking gesteld.

Vorm en inhoud van de uitgave van 2016 zijn omgewerkt naar een interneteditie. Bovendien is de schets op een aantal plaatsen naar aanleiding van opmerkingen en commentaar op de eerste editie herzien. Daarnaast vergelijkt Scholten zijn schets met het in december 2018 verschenen Eindadvies van de Staatscommissie Parlementair Stelsel (Commissie Remkes) waar hetzelfde onderwerp aan de orde is.

De belangrijkste vernieuwingen in de Korte Grondwet zijn:

  • het verkorten van de Grondwet van 142 tot 25 artikelen
  • Grondwet verplichte eindexamenstof
  • Kamerverkiezingen in twee ronden
  • Niet meer dan zes fracties in de Kamers
  • Terugzendrecht voor de Eerste Kamer
  • Koning is Staatshoofd in de Grondwet
  • Minister-president volwaardig regeringsleider
  • Rechterlijke macht versterken door eigen budgettering
  • De rechter toetst de wet aan de Grondwet.

Ten geleide

De Grondwet is bij Nederlanders onbekend en onbemind. Nu de versplintering van de samenleving en politiek verder om zich heen grijpt, oude ideologieën verbleken en wij als het ware 'footlose' worden, zou een vernieuwde en verkorte Grondwet als fundament van de Nederlandse samenleving een nieuw houvast kunnen bieden. Een Grondwet bevat de schatten van onze democratie en geldt tenslotte voor iedereen in ons land, niemand uitgesloten. Bovendien is een betere bescherming van de Grondwet ook in ons land geboden nu in bijna heel Europa belangrijke democratische waarden in het gedrang dreigen te komen. Zou zo'n vernieuwde Grondwet, voor ons allen een nieuwe bindende rol kunnen gaan spelen, iets waar iedereen in ons land op kan vertrouwen? En hoe zou dat bereikt kunnen worden?

Een vergelijking met het Eindadvies van de Staatscommissie

De Staatscommissie Parlementair Stelsel bevestigt met haar eindadvies dat maatregelen nodig zijn om toekomstbestendigheid van het stelsel te bereiken. Ik herken in haar voorstellen een aantal van de ideeën, die ook in de eerste uitgave van zijn Korte Grondwet in 2016 te vinden zijn, zonder ook maar enigszins het primaat er van te willen claimen (daar gaat het mij niet om; wel om het denken over deze zaak te stimuleren). Andere voorstellen in de Korte Grondwet ontbreken bij de Staatscommissie of worden afgewezen.

Conclusie, hoe nu verder en uitnodiging tot commentaar

De slotvraag, die over het advies van de Staatscommissie gesteld moet worden luidt: kan ons parlementair stelsel met realisatie van haar 85 voorstellen en aanbevelingen toekomstbestendig worden, zoals de regeringsopdracht luidt? Het antwoord is: er worden met het advies een paar grotere en een aantal kleinere stappen gemaakt, maar niet genoeg grote om -naar het zich laat aanzien - voldoende toekomstbestendigheid te bereiken. En dat is een ernstig gebrek.