Tijdelijke commissie artificiële intelligentie (opgeheven) (AIDA)

De tijdelijke commissie artificiële intelligentie was een onderzoekscommissie van het Europees Parlement. De taak van deze commissie was het ontwikkelen van een lange termijnvisie op de ontwikkeling en toepassing van kunstmatige intelligentie in de Europese Unie.

De commissie telde 33 leden en was aanvankelijk opgericht voor een periode van twaalf maanden. Dat mandaat werd eenmaal verlengd. Uiteindelijk was de commissie actief van juni 2020 t/m maart 2022.

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Werkzaamheden

De commissie richtte zich in het bijzonder op het analyseren van de toekomstige impact van artificiële intelligentie (AI). Dit betreft beleidsterreinen als werkgelegenheid, financiële technologie, gezondheidszorg, vervoer, landbouw, defensie, industrie, energie en e-overheid. De centrale vraag was dan ook hoe AI kan bijdragen aan economische groei.

Om de onderzoeksvragen goed te beantwoorden werd het gebruik van AI in andere landen bestudeerd. Aanbevelingen en beleidsvoorstellen van de commissie werden voorgelegd aan de vaste parlementaire commissies die met dit onderwerp te maken hebben.

2.

Resultaten

De Commissie stelde in het uiteindelijke rapport dat het publieke debat in de EU over technologie zou moeten focussen op het enorme potentieel van kunstmatige intelligentie. De commissie zag dus vooral grote kansen voor Europa, aansluitend bij de plannen van de Commissie-von der Leyen over de digitale toekomst van Europa.

Wel waarschuwde de commissie dat de EU achterop is geraakt ten opzichte van grootmachten als China en de Verenigde Staten als het gaat om de digitale ontwikkeling, waardoor de koppositie ver uit zicht is geraakt. Het risico daarvan is dat technologie beheerst wordt door actoren waar de EU geen controle over heeft.

3.

Meer informatie