Pijn én profijt van protesten: van CDA en VVD tot boerenspreekbuis BBB

vrijdag 15 juli 2022, analyse van Prof.Dr. Gerrit Voerman en dhr Peter Verschuuren

Ruim een maand geleden presenteerde de minister voor Stikstof en Natuur Christianne van der Wal (VVD) ingrijpende stikstofplannen van het kabinet-Rutte IV. Nog diezelfde avond zochten enkele tientallen boeren de minister op bij haar woning. Dit bleek het startsein voor een reeks aanhoudende boerenprotesten, waarbij onder meer snelwegen en distributiecentra geblokkeerd werden.

Niet alleen boeren zijn in rep en roer, maar ook in verschillende politieke partijen is het onrustig. Zelfs leden van de coalitiepartijen VVD en CDA riepen op tot herziening van het veelbesproken stikstofbeleid. Wat voor gevolgen ondervinden de verschillende politieke partijen van de boerenprotesten? We bespreken de situatie met de directeur van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen van de Rijksuniversiteit Groningen, Gerrit Voerman.

CDA: flinke scheuren in boerenimago

Voor het CDA zijn de boerenprotesten een regelrechte ramp. Het is van oudsher een plattelandspartij die altijd sterke banden met de boerenlobby had, maar die relatie vertoont nu flinke scheuren. Electoraal krijgt de partij de rekening gepresenteerd; in de meest recente peiling van de Peilingwijzer komt zij op slechts 7 tot 11 zetels uit. Het CDA zat al een tijd in een neerwaartse spiraal, wat te maken heeft met het slechte huwelijk tussen partijleider Wopke Hoekstra en zijn partij. Hoekstra krijgt al langer flinke kritiek op zijn leiderschap, of het gebrek daaraan. Na de nederlaag bij de Tweede Kamerverkiezingen van maart vorig jaar heeft de partij dringend behoefte aan een inspirerend leider die de christendemocraten weer bezieling kan geven. Het lukt Hoekstra maar niet aan die wens te voldoen, waarbij komt dat hij als minister van Buitenlandse Zaken veel afwezig is. Ook zijn optreden bij het vertrek van het Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt in de zomer van vorig jaar viel niet goed. Kortom: het CDA zit al lang in de hoek waar de klappen vallen, maar door stikstofplannen van het kabinet wordt het steeds moeilijker om daaruit te komen.

VVD: Ruttes afnemende aantrekkingskracht

De boerenprotesten doen ook de VVD, grootste partij van het land, pijn. In de peilingen staan de liberalen momenteel op 26 tot 32 zetels, wat niets verandert aan hun koppositie, maar wel duidelijk lager dan de 34 zetels die de partij bij de Tweede Kamerverkiezingen wist te behalen. Ook bij de VVD-achterban is er grote onvrede over het stikstofbeleid, wat recentelijk tot uiting kwam op het ledencongres – waar toen een nipte meerderheid tegen de kabinetsplannen stemde. Net als bij het CDA versterkt ook bij de VVD het stikstofbeleid bepaalde trends die al langer zichtbaar waren. Zo lijkt de aantrekkingskracht van premier Mark Rutte af te nemen. Zijn positie wordt sleets, mede omdat hij al twaalf jaar premier is en daardoor medeverantwoordelijk is voor een aantal grote kwesties en misstanden die momenteel spelen, zoals de tekortschietende aanpak van de aardbevings­problematiek in Groningen, de toeslagenaffaire en de moeizame afhandeling daarvan, de coronamaatregelen van de laatste twee jaar – en nu natuurlijk de stikstof aanpak. Ruttes vingerafdrukken staan op allerlei beleidsmaatregelen waarvan inmiddels duidelijk is geworden dat het op zijn minst niet heeft bijgedragen aan oplossingen.

BBB: spreekbuis van de boeren

De BBB van Caroline van der Plas profiteert vanzelfsprekend van de boerenprotes­ten doordat zij zich als spreekbuis van de boeren opwerpt. In de peilingen staat de BBB, die nu één Kamerzetel heeft, op 9 tot 13 zetels – waarmee de partij ongeveer net zo groot is als haar tegenstanders GroenLinks en de PvdA. Die winst zal niet uitsluitend van de boeren komen. De boerenprotesten passen in een al jaren breder wordende beweging van mensen die tegen de overheid zijn en die zich afzetten tegen de Haagse ‘elite’ die het beleid maakt, maar in hun ogen weinig oog heeft voor de praktijk – zoals de antivaxers. Daarmee trekt de BBB niet alleen afgehaakte kiezers van het CDA en de VVD, maar ook van de populistische anti-establishment­partijen PVV en JA21. De snelle opkomst van de BBB doet denken aan FVD, die met twee Kamerzetels bij de Provinciale Statenverkiezingen in 2019 de grootste partij werd. Die electorale winst ging toen echter snel teloor door de radicalisering van partijleider Thierry Baudet. Van der Plas lijkt meer met beide benen op de grond te staan, maar zal zeker ook moeite hebben haar nieuwe aanhang vast te houden, zeker wanneer (op termijn) de scherpe randen van de stikstofcrisisaanpak zullen verdwijnen. De concurrentieslag met FVD om de stem van de boer heeft zij op dit moment althans echter glansrijk gewonnen.

Stikstofplannen passen bij de linkse partijen

GroenLinks en de PvdA lijken weinig te merken van de boerenprotesten, wat geen won­der is: zij kunnen zich immers goed vinden in het kabinetsbeleid. Met hun steun winnen zij gezien de peilingen overigens geen kiezers. Dat D66 het minder goed doet in de peilingen heeft dan ook niets met de stikstofcrisis te maken (zoals bij de coalitiepartners VVD en CDA): de partij pleit al jaren voor een halvering van de veestapel. Het is vooral de teleurstelling over het leiderschap van partijleider Sigrid Kaag die D66 electoraal opbreekt. Kaag boekte een grote verkiezingswinst met een campagne gericht op nieuw leiderschap, maar de partijtop en zijzelf ope­reerden vervolgens heel aarzelend in de recente MeToo-kwestie binnen de partij. Evenals CDA-leider Hoekstra slaagt Kaag er niet meer in haar (potentiële) achterban te begeesteren.

ChristenUnie: loyale kiezers

Ten slotte, de enige coalitiepartij die geen kiezers lijkt te verliezen: de ChristenUnie. De partij van leider Gert-Jan Segers trotseert alle stikstofstormen en staat in stabiel de peilingen – en dat terwijl er grote kritiek was op haar minister Henk Staghouwer. Zijn plan om de boeren perspectief te bieden werd in de Tweede Kamer afgedaan als ’broddelwerk’. De christelijke, loyale aanhang van de ChristenUnie laat zich er niet door uit het veld slaan: zij blijft haar partij trouw.

 

Prof.dr. Gerrit Voerman is hoogleraar Nederlandse en Europese partijstelsels en tevens directeur van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP) van de Rijksuniversiteit Groningen.

Peter Verschuuren is als redacteur bij PDC verbonden aan het Montesquieu Instituut.