Artikel III-127: Consumentenbescherming

III-126
Artikel III-127
III-128
  • 1. 
    Om de belangen van de consumenten te bevorderen en een hoog niveau van consumentenbescherming te waarborgen, draagt de Unie bij tot de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en de economische belangen van de consumenten alsmede tot de bevordering van hun recht op voorlichting en vorming, en hun recht van vereniging om hun belangen te behartigen.
  • 2. 
    Met de eisen ter zake van consumentenbescherming wordt rekening gehouden bij het bepalen en uitvoeren van het beleid en het optreden van de Unie op andere gebieden.
  • 3. 
    De Unie draagt bij tot de verwezenlijking van de in lid 1 genoemde doelstellingen door middel van:
    • a) 
      maatregelen die op grond van [ex artikel 95] i in het kader van de totstandbrenging van de interne markt worden vastgesteld;
    • b) 
      maatregelen om het beleid van de lidstaten te ondersteunen, aan te vullen en te controleren.
  • 4. 
    Bij Europese wet of kaderwet worden de maatregelen, bedoeld in lid 3, onder b), vastgesteld. Deze wet wordt na raadpleging van het Economisch en Sociaal Comité vastgesteld.
  • 5. 
    De uit hoofde van lid 4 vastgestelde maatrege len beletten niet dat een lidstaat regelingen voor een hogere graad van bescherming handhaaft of treft. Deze bepalingen moeten verenigbaar zijn met de Grondwet. Zij worden ter kennis van de Commissie gebracht.

1.

Ontwikkeling artikel

1984

De Unie kan regels vaststellen ter bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de consument, alsmede ter bescherming van zijn economische belangen, met name bij schadegevallen. De Unie kan maatregelen nemen ter bevordering van de voorlichting en de raadpleging van de consumenten.

2003
  • 1. 
    Om de belangen van de consumenten te bevorderen en een hoog niveau van consumentenbescherming te waarborgen, draagt de Unie bij tot de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en de economische belangen van de consumenten alsmede tot de bevordering van hun recht op voorlichting en vorming, en hun recht van vereniging om hun belangen te behartigen.
  • 2. 
    Met de eisen ter zake van consumentenbescherming wordt rekening gehouden bij het bepalen en uitvoeren van het beleid en het optreden van de Unie op andere gebieden.
  • 3. 
    De Unie draagt bij tot de verwezenlijking van de in lid 1 genoemde doelstellingen door middel van:
    • a) 
      maatregelen die op grond van [ex artikel 95] i in het kader van de totstandbrenging van de interne markt worden vastgesteld;
    • b) 
      maatregelen om het beleid van de lidstaten te ondersteunen, aan te vullen en te controleren.
  • 4. 
    Bij Europese wet of kaderwet worden de maatregelen, bedoeld in lid 3, onder b), vastgesteld. Deze wet wordt na raadpleging van het Economisch en Sociaal Comité vastgesteld.
  • 5. 
    De uit hoofde van lid 4 vastgestelde maatrege len beletten niet dat een lidstaat regelingen voor een hogere graad van bescherming handhaaft of treft. Deze bepalingen moeten verenigbaar zijn met de Grondwet. Zij worden ter kennis van de Commissie gebracht.
2003
  • 1. 
    Om de belangen van consumenten te bevorderen en een hoog niveau van consumentenbescherming te waarborgen, draagt de Unie bij tot de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en de economische belangen van consumenten, alsmede tot de bevordering van hun recht op voorlichting en vorming, en hun recht van vereniging om hun belangen te behartigen.
  • 2. 
    De Unie draagt bij tot de verwezenlijking van de in lid 1 genoemde doelstellingen door middel van:
    • a) 
      maatregelen die op grond van artikel III-65 i in het kader van de totstandbrenging van de interne markt worden vastgesteld;
    • b) 
      maatregelen om het beleid van de lidstaten te ondersteunen, aan te vullen en te controleren.
  • 3. 
    De in lid 2, onder b), bedoelde maatregelen worden bij Europese wet of kaderwet vastgesteld. De wet of kaderwet wordt vastgesteld na raadpleging van het Economisch en Sociaal Comité.
  • 4. 
    De uit hoofde van lid 3 vastgestelde handelingen beletten niet dat een lidstaat regelingen voor een hogere graad van bescherming handhaaft of treft. Deze bepalingen moeten verenigbaar zijn met de Grondwet. Zij worden ter kennis gebracht van de Europese Commissie.
2003
  • 1. 
    Om de belangen van consumenten te bevorderen en een hoog niveau van consumentenbescherming te waarborgen, draagt de Unie bij tot de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en de economische belangen van consumenten, alsmede tot de bevordering van hun recht op voorlichting en vorming, en hun recht van vereniging om hun belangen te behartigen.
  • 2. 
    De Unie draagt bij tot de verwezenlijking van de in lid 1 genoemde doelstellingen door middel van:
    • a) 
      maatregelen die op grond van artikel III-65 i in het kader van de totstandbrenging van de interne markt worden vastgesteld;
    • b) 
      maatregelen om het beleid van de lidstaten te ondersteunen, aan te vullen en te controleren.
  • 3. 
    De in lid 2, onder b), bedoelde maatregelen worden bij Europese wet of kaderwet vastgesteld. De wet of kaderwet wordt vastgesteld na raadpleging van het Economisch en Sociaal Comité.
  • 4. 
    De uit hoofde van lid 3 vastgestelde handelingen beletten niet dat een lidstaat regelingen voor een hogere graad van bescherming handhaaft of treft. Deze bepalingen moeten verenigbaar zijn met de Grondwet. Zij worden ter kennis gebracht van de Commissie.
2004
  • 1. 
    Om de belangen van consumenten te bevorderen en een hoog niveau van consumentenbescherming te waarborgen, draagt de Unie bij tot de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en de economische belangen van consumenten, alsmede tot de bevordering van hun recht op voorlichting en vorming, en hun recht van vereniging om hun belangen te behartigen.
  • 2. 
    De Unie draagt bij tot de verwezenlijking van de in lid 1 genoemde doelstellingen door middel van:
    • a) 
      maatregelen die op grond van artikel III-172 i in het kader van de totstandbrenging en de werking van de interne markt worden vastgesteld;
    • b) 
      maatregelen om het beleid van de lidstaten te ondersteunen, aan te vullen en te controleren.
  • 3. 
    De in lid 2, onder b), bedoelde maatregelen worden bij Europese wet of kaderwet vastgesteld. De wet of kaderwet wordt vastgesteld na raadpleging van het Economisch en Sociaal Comité.
  • 4. 
    De uit hoofde van lid 3 vastgestelde handelingen beletten niet dat een lidstaat regelingen voor een hogere graad van bescherming handhaaft of treft. Deze bepalingen moeten verenigbaar zijn met de Grondwet. Zij worden ter kennis gebracht van de Commissie.