Artikel 230: Grondwetswijziging bij twee derde meerderheid in Staten Generaal; stemprocedure

229
Artikel 230
231

De Tweede Kamer der Staten-Generaal mag over geene voorstellen tot verandering of bijvoeging in de Grondwet, eenig besluit nemen, ten zij twee derde gedeelten der leden, die de vergadering uitmaken, tegenwoordig zijn.

De besluiten worden bij eene meerderheid van drie vierde gedeelten der tegenwoordige leden opgemaakt.

Voor het overige wordt in alles gevolgd hetgeen over het maken der wetten is bepaald.

1.

Ontwikkeling artikel

1798

Geene verandering, noch vermeerdering, dezer Grondregelen, noch ook der Staatsregeling, zal plaats grijpen, dan gestaafd door den wil des Volks, en naar derzelver voorschrift.

1814

De Souvereine Vorst en de alzoo in dubbelden getale zamengestelde vergadering van de Staten Generaal beslissen voorts in dezen op dezelfde wijze, als omtrent het vaststellen van gewone wetten hier voren is bepaald, met uitzondering alleen, dat er eene meerderheid van stemmen moet zijn, uitmakende ten minste twee derde der presente leden.

1815

De Tweede Kamer der Staten-Generaal mag over geene voorstellen tot verandering of bijvoeging in de Grondwet, eenig besluit nemen, ten zij twee derde gedeelten der leden, die de vergadering uitmaken, tegenwoordig zijn.

De besluiten worden bij eene meerderheid van drie vierde gedeelten der tegenwoordige leden opgemaakt.

Voor het overige wordt in alles gevolgd hetgeen over het maken der wetten is bepaald.

1840: art 230