Artikel 127: Vaststelling van verordeningen

126
Artikel 127
128

Provinciale staten en de gemeenteraad stellen, behoudens bij de wet of door hen krachtens de wet te bepalen uitzonderingen, de provinciale onderscheidenlijk de gemeentelijke verordeningen vast.


In andere talen:

English "English"
Français "Français"
Deutsch "Deutsch"
Español "Español"

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Toelichting

Provinciale staten en de gemeenteraad maken provinciale en gemeentelijke verordeningen, maar in de wet kunnen uitzonderingen staan.

2.

Formele toelichting

Ingevolge artikel 127 ligt de verordenende bevoegdheid, behoudens bij de wet te bepalen uitzonderingen, geheel bij Provinciale Staten, onderscheidenlijk de gemeenteraad. Provinciale Staten en de gemeenteraad zijn overigens wel bevoegd om, indien de wet daartoe de mogelijkheid opent, deze bevoegdheid aan andere organen over te dragen.

3.

In eenvoudig Nederlands

Provinciale Staten maken de regels die in de provincie gelden. De gemeenteraad maakt de regels die in de gemeente gelden. In de wet kunnen uitzonderingen staan. In de wet kan ook staan dat iemand anders deze uitzonderingen mag maken.

Uitleg

De Provinciale staten zijn de baas van de provincie. En de gemeenteraad van de gemeente. Zij maken daarom de regels.

Wat voor regels maken zij? Bijvoorbeeld wanneer je je vuilnis op straat mag zetten. Of waar je mag kamperen. Waar je je hond mag uitlaten. Waar je een huis mag bouwen. Maar ook hoeveel de ambtenaren verdienen. Of hoeveel geld de provincie of de gemeente geeft aan organisaties, zoals jeugdzorg, kinderopvang, sportverenigingen of toneelverenigingen.

4.

Ontwikkeling artikel

1801

Dezelve hebben de beschikking over alles, wat tot de gewone Inwendige Politie, Oekonomie en Finantie van het Departement behoort, en vermogen daaromtrent Statuten, Keuren, Reglementen en Ordonnantiën te arresteeren, mits dezelve niet strydig zyn met de algemeene Wetten. Dezelve verleenen ook, naar bevind van zaken, aan minderjarigen, brieven van Venia Ætatis.

1814

Aan gemelde Staten wordt geheel en al overgelaten de beschikking en beslissing van alles, wat tot de gewone inwendige politie en oeconomie behoort.

Zij maken hieromtrent, alsmede ten aanzien van het aanstellen van ambtenaren of het inleveren van nominatiën tot ambten, zoodanige ordonnantiën en reglementen, als zij ten meesten nutte hunner Ingezetenen oorbaar achten, behoudens deze grondwet, en onder goedkeuring van den Souvereinen Vorst.

1815: art 146, 1840: art 144
1848

Aan de Staten wordt de regeling en het bestuur van het provinciaal huishouden door de wet overgelaten.

Behoudens de voorschriften in art. 129 moeten alle zoodanige reglementen en verordeningen, als zij voor het provinciaal belang noodig oordeelen te maken, aan de goedkeuring van den Koning worden onderworpen.

Zij zorgen dat de doorvoer, en de uitvoer naar en invoer uit andere provinciën geene belemmering ondergaan.

1887

Aan de Staten wordt de regeling en het bestuur van de huishouding der provincie overgelaten.

Zij maken de verordeningen, die zij voor het provinciaal belang noodig oordeelen.

Die verordeningen behoeven de goedkeuring des Konings; deze kan niet worden geweigerd dan bij een met redenen omkleed besluit, den Raad van State gehoord.

1917: art 134, 1922: art 134, 1938: art 136, 1948: art 136, 1953: art 143
1956

Aan de Staten wordt de regeling en het bestuur van de huishouding der provincie overgelaten.

Zij maken de verordeningen, die zij voor het provinciaal belang nodig oordelen.

1963: art 143, 1972: art 143
1983

Provinciale staten en de gemeenteraad stellen, behoudens bij de wet of door hen krachtens de wet te bepalen uitzonderingen, de provinciale onderscheidenlijk de gemeentelijke verordeningen vast.

1987: art 127, 1995: art 127, 1999: art 127, 2000: art 127, 2002: art 127, 2005: art 127, 2006: art 127, 2008: art 127, 2017: art 127