Opmerkelijke keuzes

woensdag 3 juli 2019, analyse van Casper van Vliet

DEN HAAG (PDC) - De door de Europese Raad voorgestelde verdeling van Europese topfuncties is opmerkelijk. Ursula von der Leyen als beoogd Commissievoorzitter is onverwacht, maar ze is ook weer niet zo onbekend als nu wordt gesteld. Toen begin 2018 op de eerste lijstjes namen de ronde deden als mogelijke opvolger voor Juncker stond zij er tussen. Er zijn wel enkele opmerkelijke zaken.

  • 1) 
    Een Commissievoorzitter zonder premierservaring. Vanaf de jaren negentig hebben de Europese leiders steevast gekozen voor een Commissievoorzitter uit eigen kring. De EU, en de Commissie in het bijzonder, was inmiddels zo belangrijk geworden dat de regeringsleiders graag iemand op die plek wilden met politiek gewicht én met gevoel voor de positie van de lidstaten en de rol van de Europese Raad in de Europese constellatie in het bijzonder. Von der Leyen is 'slechts' minister geweest.
  • 2) 
    Een Duitse Commissievoorzitter. Er wordt veel geroepen in het Brusselse dat Duitsland te dominant is, te bepalend. Met een Duitse Commissievoorzitter zou die invloed alleen maar verder toenemen, en toch kreeg Von der Leyen vrijwel unanieme steun van de regeringsleiders. Alleen kanselier Merkel (!) onthield zich van stemming, omdat zij haar kandidaten Weber en in tweede instantie Timmermans had zien sneuvelen in de banenstrijd.
  • 3) 
    Oost-Europa valt buiten de boot. Een coalitie van vooral Oost-Europese landen wist de kandidatuur van Timmermans te blokkeren. Dat wordt gezien als een succes voor dat blok, maar in de verdeling van topfuncties vissen de nieuwe lidstaten achter het net. Die onderrepresentatie is al een heikel punt sinds de uitbreiding van de EU in 2004, en lijkt nu pregnanter dan ooit. Zeker omdat is afgesproken dat de twee belangrijkste vicevoorzitterschappen naar Timmermans en Vestager gaan.

Misschien dat bij de verdeling van de Commissieposten er nog wat gecompenseerd gaat worden.

  • 4) 
    Een centrale bankier zonder vakervaring. De Europese Centrale Bank (ECB) had nog zo benadrukt dat de opvolger van ECB-president Draghi iemand moest zijn met 'passende ervaring'. Oftewel: een centrale bankier of iemand die de financiële sector van haver to gort kent. De beoogd opvolger Christine Lagarde is weliswaar de baas van het IMF, maar is veel meer politicus dan bankier. Misschien dat juist een politicus de onafhankelijkheid van de politieke onafhankelijkheid van de ECB weet te verdedigen?
  • 5) 
    Vrouwen aan de top. Een heikel punt, omdat de lidstaten als het er op aan kwam altijd weer leken te kiezen voor een man. Dat nu de beoogd Commissievoorzitter en president van de ECB vrouw zijn is ongekend.

Dit is misschien ook een argument waarmee socialisten en groenen over de streep getrokken kunnen worden om in te stemmen met de benoeming van Von der Leyen. Die partijen hebben in het verleden het hardst geroepen om meer vrouwen in topposities.

  • 6) 
    Kandidaten met krassen. Beoogd Commissievoorzitter Von der Leyen heeft kritiek gekregen op haar leiding van het Duitse ministerie van defensie. De nieuwe voorzitter van de Europese Raad en Belgisch premier Charles Michel heeft in de turbulente Belgische politiek niet al zijn regeringen bijeen weten te houden. Beoogd ECB-president Lagarde heeft te maken gehad met een schandaal waar ze niet schuldig is bevonden aan opzettelijke malversaties maar wel ontoereikend heeft gehandeld. En de Spaanse beoogd Hoge Vertegenwoordiger voor het Buitenlands- en Defensiebeleid kwam in opspraak door zijn harde houding tegen de Catalaanse separatisten.

Het zijn punten waar ze op zullen worden aangepakt. Mensen die lang in de politiek zitten lopen deukjes op, althans, dat lijkt voor de regeringsleiders een gegeven en zit hun voordracht niet in de weg.

  • 7) 
    Er komt een populistische eurocommissaris van een partij buiten de traditionele drie (liberaal, christendemocraat, sociaaldemocraat, of anders partijloos). Tussen alle geweld over topfuncties door liet de Italiaanse premier Conte weten dat de Lega de eurocommissaris namens Italië zal leveren. En als deze ook een 'belangrijke economische post' krijgt zoals Conte zegt dat hij heeft afgedwongen, kan dat een andere dynamiek opleveren dan gebruikelijk. Al voeg ik hier meteen een kanttekening aan toe: een genoemde post is mededinging, die heel zichtbaar is maar niet sterk beleidsbepalend.
  • 8) 
    Een Nederlandse eurocommissaris van een andere kleur dan de regerende coalitie. Het zou voor het eerst zijn dat de Nederlandse eurocommissaris van een partij is die niet in de regering zit ten tijde van de nominatie. Zeker omdat zowel D66 als het CDA graag de eurocommissaris hadden willen leveren, is het opmerkelijk dat Timmermans van de PvdA lijkt aan te blijven namens Nederland. Nu Timmermans geen voorzitter is geworden zou dat tot gemor kunnen leiden binnen de coalitie.
  • 9) 
    Rutte - ondanks alle speculatie - blijft. Volgens velen in en rond het Binnenhof onverwacht. Maar wel helemaal in lijn met wat Rutte altijd heeft gezegd: hij wil in Den Haag blijven, en vertrekt niet naar Europa.

Wat ontbreekt in dit lijstje is dat het geen Spitzenkandidat is geworden. Maar is dat nu echt zo opmerkelijk? Een deel van de partijen wilde er vanaf omdat het daarmee een christendemocraat haast onvermijdelijk is, gezien het het feit dat zij altijd de grootste zijn geworden in de Europese verkiezingen. Dit was een belangrijk argument om Timmermans mee af te serveren. Een deel van de regeringsleiders wilde er vanaf omdat het hun primaat wie voor te dragen aantastte.

Weber leek - gezien zijn profiel - al vanaf zijn verkiezing tot Spitzenkandidat kansloos. Het gaf de regeringsleiders de mogelijkheid te benadrukken dat de Europese verdragen alleen zeggen dat ze 'rekening moeten houden met de verkiezingsuitslag', maar niet hoefden te volgen wat het Europees Parlement graag wilde. Het wordt pas echt opzienbarend als het EP de kandidatuur van Von der Leyen niet steunt, enkel en alleen omdat ze geen Spitzenkandidat was.