Van het regentschap

Inhoudsopgave van deze pagina:

23.

Regent gedurende minderjarigheid Vorst; benoeming

Gedurende de minderjarigheid van den Souvereinen Vorst wordt het regt der Souvereiniteit waargenomen door één Regent.

Deze Regent wordt door den Souvereinen Vorst en de Staten Generaal te voren benoemd. Op gelijke wijze mag worden vastgesteld de opvolging in het regentschap tot de meerderjarigheid van den Erfopvolger toe.

24.

Mogelijke rol Staten Generaal bij schikking omtrent regentschap

Wanneer door onvoorziene omstandigheden bij het leven van den Overleden Vorst geene schikking omtrent het regentschap zelve gemaakt is, wordt daarin door de Staten Generaal voorzien.

Ingevalle de bepaling omtrent de opvolging in het regentschap niet mogt gemaakt zijn, wordt die opvolger door den Regent en de Staten Generaal gezamenlijk benoemd.

25.

Onbekwaamheid Souverein Vorst

De gemelde schikkingen omtrent een regentschap hebben mede plaats, ingevalle de Souvereine Vorst buiten staat geraakt de regering waartenemen.

Wanneer aan den Raad van State, zamengesteld uit de leden, daarin gewone zitting hebbende, en de hoofden der ministeriële departementen, na een naauwkeurig gemeenschappelijk onderzoek gebleken is, dat zulk een geval bestaat, roept dezelve Raad de Staten Generaal bijeen, ten einde daarin achtervolgens de vastgestelde bepalingen, gedurende het bestaande geval, te voorzien.

26.

Situaties waarin Erfprins of Raad van State regentschap vervullen

Wanneer de Erfprins in zoodanig geval meerderjarig is, zoo is Hij van regtswege Regent.

Indien Hij als dan nog minderjarig is, zal het souverein gezag, in dit en de andere gevallen, bij artikel 11 en 24 omschreven, worden uitgeoefend door den Raad van State, zamengesteld op dezelfde wijze, als bij artikel 25 is vermeld, tot dat daaromtrent door de Staten Generaal zal zijn voorzien.

27.

Mogelijke rol Staten Generaal bij voogdij en regentschap

Indien de Souvereine Vorst geene der schikkingen, bij artikel 9, 20, en 23 vermeld, met de Staten Generaal beraamd heeft, verklaren deze plegtiglijk, welk geval er bestaat, en voorzien daarin vervolgens op de gronden hier voren gelegd.