Artikel 69: Aanwezigheid ministers, staatssecretarissen

68
Artikel 69
70
  • 1. 
    De ministers en de staatssecretarissen hebben toegang tot de vergaderingen en kunnen aan de beraadslaging deelnemen.
  • 2. 
    Zij kunnen door de kamers elk afzonderlijk en in verenigde vergadering worden uitgenodigd om ter vergadering aanwezig te zijn.
  • 3. 
    Zij kunnen zich in de vergaderingen doen bijstaan door de personen, daartoe door hen aangewezen.

In andere talen:

English "English"
Français "Français"
Deutsch "Deutsch"
Español "Español"

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Toelichting

Kabinet Balkenende IV

Ministers en staatssecretarissen hebben toegang tot de vergaderingen van Tweede en Eerste Kamer en kunnen aan de beraadslaging deelnemen. De Kamers kunnen verlangen dat zij aanwezig zijn, maar de regering bepaalt zelf wie namens haar het woord voert.

Ministers en staatssecretarissen kunnen zich bij laten staan door bijvoorbeeld ambtenaren of regeringscommissarissen. Dat was bijvoorbeeld het geval bij de behandeling van de voorstellen tot grondwetsherziening in de periode 1976-1982 toen regeringscommissaris Simons geregeld het woord voerde.

2.

Formele toelichting

Ministers en staatssecretarissen hebben toegang tot de vergaderingen van Tweede en Eerste Kamer en kunnen aan de beraadslaging deelnemen. De Kamers kunnen verlangen dat zij ter vergadering aanwezig zijn, maar de regering bepaalt zelf wie namens haar het woord voert.

3.

In eenvoudig Nederlands

  • 1. 
    Ministers en staatssecretarissen mogen bij de vergaderingen van de Eerste en Tweede Kamer zijn.
  • 2. 
    De Eerste en Tweede Kamer kunnen ministers en staatssecretarissen bij een vergadering roepen. De ministers en staatssecretarissen moeten dan naar de kamer komen.
  • 3. 
    Ambtenaren en anderen mogen de ministers en staatssecretarissen helpen in de vergadering.

Uitleg

Als een minister of een staatssecretaris dat wil, mag hij naar de Eerste Kamer en de Tweede Kamer gaan. En daar mag hij meedoen met de vergadering, als de kamer dat nodig vindt.

Als de Kamer dat wil, dan moet de minister of de staatssecretaris naar de Kamer komen. Een minister of een staatssecretaris mag niet zeggen dat hij niet komt.

De Kamers zijn dus de baas: zij bepalen of een minister of een staatssecretaris iets mag zeggen in de Kamer. En zij kunnen een minister of een staatssecretaris ook verplichten om naar de Kamer te komen.

Als ministers of staatssecretarissen met de Kamer overleggen, kunnen ze hulp krijgen van hun ambtenaren of van anderen. De Kamerleden mogen hen geen vragen stellen. Zij mogen alleen vragen stellen aan de minister of de staatssecretaris. Maar de minister of de staatssecretaris mag wel beslissen dat de ambtenaar of een ander antwoord geeft.

4.

Ontwikkeling artikel

1798

Hetzelve dient, aan beide de Kamers van het Vertegenwoordigend Lichaam, van consideratiën en advies, of ook van berigt, in alle gevallen, waarin zulks van hetzelve gevorderd word.

1815

De Hoofden der Departementen van Algemeen Bestuur hebben zitting in de beide Kamers. Zij hebben alleenlijk eene raadgevende stem, ten ware zij tot leden der vergadering mogten benoemd zijn.

1840: art 93
1848

De hoofden der ministeriële departementen hebben zitting in de beide Kamers. Zij hebben alleen eene raadgevende stem, ten ware zij tot leden der vergadering mogten benoemd zijn.

Zij geven aan de Kamers, het zij mondeling, het zij schriftelijk, de verlangde inlichtingen, waarvan het verleenen niet strijdig kan worden geoordeeld met het belang en de zekerheid van het Rijk, de koloniën en bezittingen van het Rijk in andere werelddeelen.

Zij kunnen door elke der Kamers worden uitgenoodigd om te dien einde ter vergadering tegenwoordig te zijn.

1887: art 94, 1917: art 94
1922

De hoofden der ministerieele departementen hebben zitting in de beide Kamers. Zij hebben alleen eene raadgevende stem, ten ware zij tot leden der vergadering mogten benoemd zijn. Zij kunnen zich in de vergadering doen bijstaan door de ambtenaren, daartoe door hen aangewezen.

Zij geven aan de Kamers, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk, de verlangde inlichtingen, waarvan het verleenen niet strijdig kan worden geoordeeld met het belang van den Staat.

Zij kunnen door elke der Kamers worden uitgenoodigd om te dien einde ter vergadering tegenwoordig te zijn.

1938: art 97, 1948: art 97, 1953: art 104, 1956: art 104, 1963: art 104, 1972: art 104
1983
  • 1. 
    De ministers en de staatssecretarissen hebben toegang tot de vergaderingen en kunnen aan de beraadslaging deelnemen.
  • 2. 
    Zij kunnen door de kamers elk afzonderlijk en in verenigde vergadering worden uitgenodigd om ter vergadering aanwezig te zijn.
  • 3. 
    Zij kunnen zich in de vergaderingen doen bijstaan door de personen, daartoe door hen aangewezen.
1987: art 69, 1995: art 69, 1999: art 69, 2000: art 69, 2002: art 69, 2005: art 69, 2006: art 69, 2008: art 69, 2017: art 69