Artikel 4: Kiesrecht

3
Artikel 4
5

Iedere Nederlander heeft gelijkelijk recht de leden van algemeen vertegenwoordigende organen te verkiezen alsmede tot lid van deze organen te worden verkozen, behoudens bij de wet gestelde beperkingen en uitzonderingen.


In andere talen:

English "English"
Français "Français"
Deutsch "Deutsch"
Español "Español"

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Toelichting

Iedere Nederlander heeft in principe het recht te kiezen voor en gekozen te worden in een vertegenwoordigend orgaan. De belangrijkste daarvan zijn de beide kamers van de Staten-Generaal, de provinciale staten en (deel)gemeenteraden.

Met het woord gelijkelijk wordt het beginsel van one man, one vote bedoeld.

Het artikel bevat de mogelijkheid voor de wetgever om beperkingen en uitzonderingen op het kiesrecht te maken. Dit slaat onder andere op de regeling van de verkiezingen voor de Eerste Kamer. De leden van die kamer worden niet rechtstreeks gekozen, maar door de provinciale staten.

De regeling van het kiesrecht staat in de Kieswet.

2.

Formele toelichting

Het recht om te kiezen en om verkozen te worden (actief en passief kiesrecht) betreft het recht om via verkiezingen deel te nemen aan de publieke zaak.

Onder algemeen vertegenwoordigende organen worden verstaan de beide kamers van de Staten-Generaal, de provinciale staten, de gemeenteraden en algemeen vertegenwoordigende organen op gewestelijk of deelgemeentelijk niveau.

Met het woord gelijkelijk wordt het beginsel van one man, one vote tot uitdrukking gebracht.

Het artikel bevat de mogelijkheid voor de wetgever om beperkingen en uitzonderingen op het kiesrecht te maken. Dit slaat onder andere op de regeling van de verkiezingen voor de Eerste Kamer. De leden van die kamer worden niet rechtstreeks gekozen, maar door de provinciale staten (zie hoofdstuk 3).

De regeling van het kiesrecht staat in de Kieswet.

3.

In eenvoudig Nederlands

Iedere Nederlander mag deelnemen aan verkiezingen. Hij mag zelf stemmen en hij mag gekozen worden. In de wet kunnen uitzonderingen staan.

Uitleg

Iedere Nederlander mag meedoen aan de verkiezingen van de Tweede Kamer, provinciale staten en de gemeenteraden. Je mag zelf kiezen. Dit is actief kiesrecht. En je kunt je ook laten kiezen door anderen. Dat is passief kiesrecht. Iedere stem telt even zwaar en iedereen mag maar één keer stemmen.

In Nederland stemmen Nederlanders niet zelf voor de leden van de Eerste Kamer. Dat is dus een uitzondering. Die uitzondering staat in artikel 55 van de Grondwet. Er zijn nog meer uitzonderingen die staan in de Kieswet. Bijvoorbeeld dat mensen die geen Nederlander zijn, maar wel al 5 jaar in Nederland wonen, mogen meedoen aan verkiezingen voor de gemeenteraad. Mensen uit een ander land van de Europese Unie mogen gelijk meedoen aan gemeenteraadsverkiezingen in de gemeente waar zij wonen.

4.

Praktijkvragen

Via de Rijksoverheid komen veel vragen over werken bij de overheid binnen, zoals:

Hebt u een andere vraag? Bel 1400 (U betaalt alleen de gebruikelijke belkosten).

5.

Ontwikkeling artikel

1798

Niemand echter kan, als Bataafsch Burger, eenen daadlijken invloed op het bestuur der Maatschappij oefenen, tenzij hij in het openbaar Stemregister der Gemeente, waartoe hij behoort, zig hebbe doen inschrijven. Deze Inschrijving word bepaaldlijk vereischt:

  • a. 
    Om zijne Stem in de Grond-Vergaderingen te kunnen uitbrengen.
  • b. 
    Om eenigen Post van Bestuur, eenig Ambt of Bediening, in de Maatschappij te kunnen waarnemen.
  • c. 
    Om eenig Ambt, Bediening of Pensioen, te blijven behouden.
1983

Iedere Nederlander heeft gelijkelijk recht de leden van algemeen vertegenwoordigende organen te verkiezen alsmede tot lid van deze organen te worden verkozen, behoudens bij de wet gestelde beperkingen en uitzonderingen.

1987: art 4, 1995: art 4, 1999: art 4, 2000: art 4, 2002: art 4, 2005: art 4, 2006: art 4, 2008: art 4, 2017: art 4