Artikel 3: Gelijke benoembaar­heid

2
Artikel 3
4

Alle Nederlanders zijn op gelijke voet in openbare dienst benoembaar.


In andere talen:

English "English"
Français "Français"
Deutsch "Deutsch"
Español "Español"

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Toelichting

Dit artikel geeft aan dat iedere Nederlander in principe bij de overheid kan werken als hij of zij aan de gestelde eisen voldoet.

2.

Formele toelichting

Elke Nederlander heeft recht op gelijke benoembaarheid in openbare dienst (artikel 3). De term openbare dienst heeft betrekking op alle openbare lichamen en andere publieke organen en instanties.

3.

In eenvoudig Nederlands

Iedere Nederlander kan een baan krijgen bij de overheid.

Uitleg

Dit artikel hoort bij artikel 1. 'We behandelen iedereen op dezelfde manier', Iedere Nederlander kan werken bij de overheid, bijvoorbeeld bij ministeries, provincies en gemeenten. Natuurlijk alleen als je voldoet aan de eisen die horen bij de baan. Voor sommige banen mag de overheid letten op het wel of niet lid zijn van een bepaalde politieke partij.

In het artikel staat 'Nederlander' maar in veel gevallen mogen ook niet-Nederlanders werken bij de overheid. Er zijn wel uitzonderingen. Voor sommige banen, bijvoorbeeld in de rechtspraak of in het leger, mag de overheid zeggen dat je Nederlander moet zijn.

4.

Praktijkvragen

Via de Rijksoverheid komen veel vragen over werken bij de overheid binnen, zoals:

Hebt u een andere vraag? Klik dan hier om deze online aan de Rijksoverheid te stellen. Of bel gratis 0800-8051.

5.

Ontwikkeling artikel

1798

Ambten en bedieningen zijn lastgevingen der Maatschappij voor eenen bepaalden tijd. Zij zijn noch erflijk, noch vervreemdbaar, noch bijzondere voorregten van hun, die ze waarnemen. De keus van den eenen Burger, boven den ander, is alleenlijk gegrond op meerdere deugd en bekwaamheden.

1806

De Ambten en Bedieningen van den Staat, buiten die gene, welke behooren tot den Persoonlijken dienst van het Huis des Konings, zullen aan geene anderen dan aan Nationalen kunnen worden toevertrouwd.

1815

Ieder is, zonder onderscheid van rang en geboorte, tot alle ambten, en bedieningen benoembaar, behoudens het gene betrekkelijk de zamenstelling der Provinciale Staten, bij de reglementen, ingevolge het vierde hoofdstuk is bepaald.

1840: art 10
1848

Ieder Nederlander is tot elke landsbediening benoembaar.

Geen vreemdeling is hiertoe benoembaar, dan volgens de bepalingen der wet.

1887: art 5, 1917: art 5, 1922: art 5, 1938: art 5, 1948: art 5, 1953: art 5, 1956: art 5, 1963: art 5, 1972: art 5
1983

Alle Nederlanders zijn op gelijke voet in openbare dienst benoembaar.

1987: art 3, 1995: art 3, 1999: art 3, 2000: art 3, 2002: art 3, 2005: art 3, 2006: art 3, 2008: art 3, 2017: art 3