Artikel 77: Lidmaatschap Algemene Rekenkamer

76
Artikel 77
78
  • 1. 
    De leden van de Algemene Rekenkamer worden bij koninklijk besluit voor het leven benoemd uit een voordracht van drie personen, opgemaakt door de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
  • 2. 
    Op eigen verzoek en wegens het bereiken van een bij de wet te bepalen leeftijd worden zij ontslagen.
  • 3. 
    In de gevallen bij de wet aangewezen kunnen zij door de Hoge Raad worden geschorst of ontslagen.
  • 4. 
    De wet regelt overigens hun rechtspositie.

In andere talen:

English "English"
Français "Français"
Deutsch "Deutsch"
Español "Español"

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Toelichting

De regering benoemt per koninklijk besluit de Leden van de Algemene Rekenkamer. Maar de regering moet kiezen uit drie personen die de Tweede Kamer voordraagt. De leden van de Algemene Rekenkamer kunnen alleen worden ontslagen

  • op eigen verzoek
  • als zij een bij de wet bepaalde leeftijd hebben bereikt (70 jaar, artikel 73 van de Comptabiliteitswet
  • door de Hoge Raad in bepaalde in de wet genoemde gevallen (artikel 74 van de Comptabiliteitswet).

De Hoge Raad kan ook in in de wet genoemde gevallen een lid schorsen.

De rechtspositie van de leden van de Algemene Rekenkamer komt sterk overeen met de rechtspositie van leden van de rechterlijke macht. Daarmee is de onafhankelijkheid van de Algemene Rekenkamer gewaarborgd.

2.

Formele toelichting

Bepalingen die de onafhankelijke positie van de leden van de Algemene Rekenkamer waarborgen, zijn in artikel 77 opgenomen.

Door de voorgeschreven benoemingsprocedure, namelijk een benoeming voor het leven uit een voordracht opgemaakt door de Tweede Kamer, wordt verzekerd dat het college een onafhankelijke positie ten opzichte van de regering behoudt.

Ook ten aanzien van Algemene Rekenkamer geldt dat de wet haar inrichting, samenstelling en bevoegdheid regelt.

3.

In eenvoudig Nederlands

  • 1. 
    De regering en de Tweede Kamer beslissen wie lid zijn van de Algemene Rekenkamer. De Tweede Kamer stelt een een lijst van drie kandidaten op. De regering benoemt de eerstgenoemde persoon. Die wordt lid van de Algemene Rekenkamer. Leden van de Algemene Rekenkamer kunnen niet worden ontslagen.
  • 2. 
    Leden van de Algemene Rekenkamer kunnen ontslag nemen als ze dat zelf willen. Ook krijgen ze ontslag als ze een leeftijd hebben die in de wet staat.
  • 3. 
    In de wet staat wanneer leden van de Algemene Rekenkamer ontslag krijgen van de Hoge Raad. Of hun werk niet meer mogen doen van de Hoge Raad.
  • 4. 
    In de wet staat wat de rechten en plichten zijn van de leden van de Algemene Rekenkamer. In de wet kan ook staan dat iemand anders hierover beslist.

Uitleg

Bij de Raad van State kiest de regering de leden alleen. Bij de Algemene Rekenkamer is dat anders. Hier kiezen de regering en de Tweede Kamer de leden samen. Waarom is dit zo? Dit is zo omdat de Algemene Rekenkamer de inkomsten en de uitgaven van de regering onderzoekt en ze dus onafhankelijk moet zijn. Daarom mag de Tweede Kamer meebeslissen. En daarom kunnen leden ook niet worden ontslagen.

De Rekenkamer heeft drie leden. Eén van de drie leden is de president van de Rekenkamer. De regering beslist wie de president is.

Net als bij de Raad van State zijn leden van de Rekenkamer hun hele leven lid. Totdat ze met pensioen gaan. Natuurlijk kunnen de leden van de Rekenkamer ook ontslag nemen als ze dat willen.

De rechten en plichten van punt 4 gaan over het werk als lid van de Algemene Rekenkamer. In de wet staat bijvoorbeeld hoeveel de leden verdienen, hoeveel vakantiedagen ze hebben en hoe hoog hun pensioen is.

4.

Achtergronden

5.

Ontwikkeling artikel

1798

Tot derzelver werkzaamheden behoort:

  • a. 
    Het houden van algemeene boeken, zoo van alle 's Lands Inkomsten, uit de Maandstaaten en Boeken der Ontvangers en andere Comptabelen, als van alle de Uitgaven, waarvan de Ordonnantiën door hen moeten worden geregistreerd, en geäpprobeerd.
  • b. 
    Het nagaan en sluiten van alle de Reekeningen, zoo der Nationaale Tresorie, als der Nationaale Ontvangers en financiële Ambtenaaren en Comptabelen, en het onderzoeken van alle bescheiden, daartoe betreklijk.
  • c. 
    Het onderzoeken en liquideeren van alle Declaratiën, welke ten laste der Republiek worden ingezonden.
  • d. 
    De zorg, dat, omtrend dezelven, de vastgestelde orders en wetten stiptlijk worden nagekomen, en, door geen Departement van Uitvoerend Bestuur, meerdere Ordonnantiën worden afgegeven, dan de Sommen bedragen, aan elk derzelven, bij de Wet en bij goedgekeurde begrootingen, toegestaan, als mede, dat de form bij Art. 224 bepaald, behoorlijk worde in agt genomen.

    Het een of ander vereischte aan eenige Ordonnantie ontbrekende, zenden Commissarissen der Nationaale Reekening dezelve, onverwijld, aan het Departement, vanwaar dezelve komt, te rug.

    Zij, die niet berusten in de loquaturs of roijementen, dezer Commissarissen, vervoegen zig bij het Vertegenwoordigend Lichaam.

  • e. 
    Het kennis geven aan het Vertegenwoordigend Lichaam van alle misslagen, wangedragen, en andere verndwoording vorderende omstandigheden, welke ter hunner kennisse komen.
  • f. 
    Het voordragen van nuttige financieele verbeteringen of bezuinigingen aan het Vertegenwoordigend Lichaam en het geven op deszelfs vordering van nodige berigten of consideratiën, ten aanzien van alle onderwerpen, tot hunnen post betreklijk.
1801

Er zal eene Nationale Rekenkamer zyn, bestaande uit negen Leden, door het Wetgevend Lichaam te benoemen en wel by vacature uit eene nominatie van vyf Personen door de Rekenkamer geformeerd en door het Staats-Bewind op drie verminderd, ten einde Jaarlyks de Rekeningen der verschillende Departementen van Staat optenemen, en te liquideeren; mitsgaders behoorlyke rekening en verantwoording te vorderen van alle byzondere Comptabelen, welke rekeningen, onmiddelyk aan dezelve zullen worden gebragt; achtervolgens zodanige Instructie, als door het Staats-Bewind aan het Wetgevend Lichaam ter bekrachtiging zal worden voorgedragen; zullende Jaarlyks één der Leden afgaan, volgens den rang, welke door het Lot zal worden bepaald.

1805

Er zal eene Nationale Rekenkamer zijn, bestaande uit niet minder dan Vijf, en niet meer dan Negen Leden. Bij vacature zendt de Vergadering van Hun Hoog Mogenden aan den Raadpensionaris eene nominatie van zes Personen, welke door den Raadpensionaris tot op de helft wordt verminderd, waar uit de Vergadering van Hun Hoog Mogenden de verkiezing doet.

1806

Er zal eene Nationale Rekenkamer zijn; bij vacature zendt de Vergadering van Hun Hoog Mogenden aan den Koning eene Nominatie van zes Personen, welke door den Koning tot op de helft wordt verminderd, waaruit de Vergadering van Hun Hoog Mogenden de verkiezing doet.

1814

Er zal eene algemeene Rekenkamer zijn, ten einde jaarlijks de rekeningen der verschillende ministeriële departementen optenemen en te liquideren, mitsgaders behoorlijke rekening en verantwoording te vorderen van alle bijzondere Lands comptabelen, alles achtervolgens zoodanige instructiën, als bij de wet zullen worden vastgesteld.

De leden van deze Rekenkamer worden, zoo veel mogelijk, uit alle Provinciën genomen.

Bij vacature zenden de Staten Generaal eene nominatie van drie personen aan den Souvereinen Vorst, welke daaruit de verkiezing doet.

1815: art 202
1840

Er zal eene Algemeene Rekenkamer zijn, ten einde jaarlijks de rekeningen van ontvangst en uitgaven der verschillende Departementen van Algemeen Bestuur op te nemen en te liquideren, mitsgaders behoorlijke rekening en verantwoording te vorderen van alle bijzondere landscomptabelen en andere, alles achtervolgens zoodanige instructiën, als bij de wet zullen worden vastgesteld.

De leden dezer Rekenkamer, welker bezoldiging door de wet geregeld wordt, worden zoo veel mogelijk uit alle de provinciën genomen en voor hun leven aangesteld.

Bij vacature zendt de Tweede Kamer der Staten-Generaal, eene nominatie van drie personen aan den Koning, welke daaruit de verkiezing doet.

1848

Er is eene Algemeene Rekenkamer, welker zamenstelling en taak door de wet worden geregeld.

Bij het openvallen eener plaats in deze Kamer zendt de Tweede Kamer der Staten-Generaal eene opgave van drie personen aan den Koning, die daaruit kiest.

De leden der Rekenkamer worden voor hun leven aangesteld. Hunne bezoldiging wordt door de wet geregeld. Het 2de lid van art. 163 is op hen van toepassing.

1887: art 179, 1917: art 179, 1922: art 180, 1938: art 186, 1948: art 186, 1953: art 193, 1956: art 193, 1963: art 193, 1972: art 193
1983
  • 1. 
    De leden van de Algemene Rekenkamer worden bij koninklijk besluit voor het leven benoemd uit een voordracht van drie personen, opgemaakt door de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
  • 2. 
    Op eigen verzoek en wegens het bereiken van een bij de wet te bepalen leeftijd worden zij ontslagen.
  • 3. 
    In de gevallen bij de wet aangewezen kunnen zij door de Hoge Raad worden geschorst of ontslagen.
  • 4. 
    De wet regelt overigens hun rechtspositie.
1987: art 77, 1995: art 77, 1999: art 77, 2000: art 77, 2002: art 77, 2005: art 77, 2006: art 77, 2008: art 77, 2017: art 77