Artikel 131: Benoeming Commissaris van de Koning en burgemeester

130
Artikel 131
132

De commissaris van de Koning en de burgemeester worden bij koninklijk besluit benoemd.


In andere talen:

English "English"
Français "Français"
Deutsch "Deutsch"
Español "Español"

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Toelichting

De Commissaris van de Koning en de burgemeester worden bij koninklijk besluit benoemd. Bijna altijd volgt de minister dan de voordracht die Provinciale Staten en gemeenteraad opstellen op basis van een advies van een vertrouwenscommissie. Deze vertrouwenscommissie heeft dan met de kandidaten gesproken. Zowel de Commissaris van de Koning als de burgemeester worden voor zes jaar benoemd. Herbenoeming is mogelijk.

De rol van de gemeenteraad bij de benoeming van een burgemeester is vastgelegd in artikel 61 van de Gemeentewet, de rol van Provinciale Staten bij de benoeming van een Commissaris van de Koning is vastgelegd in artikel 61 van de Provinciewet.

2.

Formele toelichting

In artikel 131 is vastgelegd dat de commissaris van de Koning en de burgemeester bij koninklijk besluit worden benoemd.

3.

In eenvoudig Nederlands

De regering benoemt de Commissaris van de Koning en de burgemeester.

Uitleg

De regering benoemt de Commissaris van de Koning en de burgemeester, maar zij vraagt wel eerst aan het bestuur van de provincie en de gemeente wie zij de beste kandidaat vinden.

In veel andere landen kiezen de burgers de commissaris van de Koning en de burgemeester. In Nederland denken we daar ook over na. Sommige politieke partijen willen dat de inwoners van de gemeente hun burgemeester mogen kiezen.

In de Gemeentewet staat dat gemeenten hierover wel een referendum kunnen houden. De inwoners van de gemeente mogen dan kiezen uit twee kandidaten die de gemeenteraad heeft uitgezocht.

4.

Ontwikkeling artikel

1798

Het Uitvoerend Bewind benoemt bij ieder Departementaal Bestuur,  éénen Commissaris, en ten hoogsten drie voor de gezamenlijke Gemeente-Bestuuren, in elk Departement, om toetezien en te zorgen, dat de Wetten behoorlijk worden uitgevoerd.

1814

Er zullen zijn in alle Provinciën of Landschappen Commissarissen van den Souvereinen Vorst, onder zulke benaming, als Hij zal goedvinden. Hij geeft aan dezelven zoodanige instructie, als Hij ter uitvoering van het gezag, Hem bij deze grondwet toegekend, zal vermeenen te behooren.

Deze Commissarissen zullen voorzitten in de vergadering der Staten, alsmede in zoodanige kollegiën, als door hen, ingevolge het bepaalde bij Artikel 93, zouden mogen benoemd worden.

1815: art 137, 1840: art 135
1848

De Koning stelt in alle provinciën commissarissen aan, met de uitvoering, zijner bevelen en met het toezigt op de verrigtingen der Staten belast.

Deze commissarissen zitten voor in de vergadering der Staten, en in die der Gedeputeerde Staten, en hebben stem in laatstgenoemd collegie.

1887

De Koning stelt in elke provincie een Commissaris aan met de uitvoering zijner bevelen en met het toezigt op de verrigtingen der Staten belast.

Deze Commissaris is Voorzitter van de vergadering der Provinciale Staten en van die der Gedeputeerde Staten en heeft in laatstgenoemd college stem.

Zijne jaarwedde en de kosten zijner woning worden op de begrooting der Rijksuitgaven gebracht. De wet beslist of andere uitgaven van het provinciaal bestuur ten laste van het Rijk komen.

1917: art 141, 1922: art 141, 1938: art 143, 1948: art 143, 1953: art 150
1956

De Koning stelt in elke provincie een Commissaris aan met de uitvoering zijner bevelen belast.

Deze Commissaris is Voorzitter van de vergadering der Provinciale Staten en van die der Gedeputeerde Staten en heeft in laatstgenoemd college stem.

Zijn jaarwedde en de kosten van zijn woning worden op de begroting der Rijksuitgaven gebracht. De wet beslist of andere uitgaven van het provinciaal bestuur ten laste van het Rijk komen.

1963: art 150, 1972: art 150
1983

De commissaris van de Koning en de burgemeester worden bij koninklijk besluit benoemd.

1987: art 131, 1995: art 131, 1999: art 131, 2000: art 131, 2002: art 131, 2005: art 131, 2006: art 131, 2008: art 131, 2017: art 131