Deel IV: Algemene en slotbepalingen

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

IV-437 Intrekking van de vroegere verdragen

  • 2. 
    De verdragen betreffende de toetreding van:
    • a) 
      het Koninkrijk Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland;
    • b) 
      de Helleense Republiek;
    • c) 
      het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek;
    • d) 
      de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden, en
    • e) 
      de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek

    worden ingetrokken.

Evenwel

2.

IV-438 Rechtsopvolging en rechtscontinuïteit

  • 2. 
    Behoudens artikel IV-439 blijven de op de datum van inwerkingtreding van dit verdrag bestaande instellingen, organen en instanties, in de samenstelling die zij op die datum hebben, hun bevoegdheden als bedoeld in dit verdrag uitoefenen zolang er geen nieuwe bepalingen ter uitvoering van dit verdrag zijn vastgesteld of tot het einde van hun mandaat.
  • 3. 
    De handelingen van de instellingen, organen en instanties die zijn vastgesteld op grond van de bij artikel IV-437 ingetrokken verdragen en akten blijven van kracht. De rechtsgevolgen ervan worden gehandhaafd zolang deze handelingen niet krachtens dit verdrag zijn ingetrokken, nietig verklaard of gewijzigd. Dit geldt ook voor de tussen lidstaten op grond van de bij artikel IV-437 ingetrokken verdragen en akten gesloten overeenkomsten.

    De overige onderdelen van het op de datum van inwerkingtreding van dit verdrag bestaande acquis van de Gemeenschap en van de Unie, met name de interinstitutionele akkoorden, de besluiten en akkoorden die overeengekomen zijn door de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, de door de lidstaten gesloten overeenkomsten die de werking van de Unie of van de Gemeenschap betreffen of die verband houden met het optreden van de Unie of de Gemeenschap, de verklaringen, inclusief die welke in het kader van intergouvernementele conferenties zijn afgelegd, alsmede de resoluties en overige standpunten van de Europese Raad of van de Raad, en die betreffende de Unie of de Gemeenschap die in onderlinge overeenstemming door de lidstaten zijn aangenomen, blijven eveneens gehandhaafd zolang zij niet zijn ingetrokken of gewijzigd.

  • 4. 
    De rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen en van het Gerecht van eerste aanleg betreffende de uitlegging en de toepassing van de bij artikel IV-437 ingetrokken verdragen en akten, alsmede van de handelingen en overeenkomsten die met het oog op de toepassing ervan zijn vastgesteld, blijft mutatis mutandis de bron voor de uitlegging van het recht van de Unie en met name van de overeenkomstige bepalingen van de Grondwet.
  • 5. 
    De continuïteit van de administratieve en gerechtelijke procedures die zijn ingeleid vóór de datum van inwerkingtreding van dit verdrag, wordt gewaarborgd met inachtneming van de Grondwet. De instellingen, organen en instanties die voor deze procedures verantwoordelijk zijn, nemen daartoe alle dienstige maatregelen.

3.

IV-439 Overgangsbepalingen betreffende bepaalde instellingen

De overgangsbepalingen betreffende de samenstelling van het Europees Parlement, betreffende de definitie van gekwalificeerde meerderheid van stemmen in de Europese Raad en in de Raad, ook in de gevallen waarin niet alle leden van de Europese Raad of de Raad aan de stemming deelnemen, alsmede betreffende de samenstelling van de Commissie, daaronder begrepen de minister van Buitenlandse Zaken van de Unie, zijn opgenomen in het protocol betreffende de overgangsbepalingen inzake de instellingen en organen van de Unie.

4.

IV-440 Territoriaal toepassingsgebied

  • 1. 
    Dit verdrag is van toepassing op het Koninkrijk België, de Tsjechische Republiek, het Koninkrijk Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, de Republiek Estland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje, de Franse Republiek, Ierland, de Italiaanse Republiek, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, het Groothertogdom Luxemburg, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, het Koninkrijk der Nederlanden, de Republiek Oostenrijk, de Republiek Polen, de Portugese Republiek, de Republiek Slovenië, de Slowaakse Republiek, de Republiek Finland, het Koninkrijk Zweden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.
  • 2. 
    Dit verdrag is van toepassing op Guadeloupe, Frans Guyana, Martinique, Réunion, de Azoren, Madeira en de Canarische Eilanden overeenkomstig artikel III-424.
  • 3. 
    Voor de landen en gebieden overzee waarvan de lijst in bijlage II is opgenomen, geldt de bijzondere associatieregeling omschreven in deel III, titel IV.

    Dit verdrag is niet van toepassing op de landen en gebieden overzee die met het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland bijzondere betrekkingen onderhouden en die niet in die lijst voorkomen.

  • 4. 
    Dit verdrag is van toepassing op de Europese grondgebieden waarvan de buitenlandse betrekkingen door een lidstaat worden behartigd.
  • 5. 
    Dit verdrag is van toepassing op de Ålandseilanden met de derogaties die oorspronkelijk waren opgenomen in het in artikel IV-437, lid 2, onder d), genoemde verdrag en die zijn overgenomen in titel V, afdeling 5, van het protocol betreffende de verdragen en akten inzake de toetreding van het Koninkrijk Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk van Groot Brittannië en Noord-Ierland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek, alsmede de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden.
  • 6. 
    In afwijking van de leden 1 tot en met 5:
    • b) 
      is dit verdrag op Akrotiri en Dhekelia, zijnde de zones van Cyprus die onder de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland vallen, slechts van toepassing voorzover nodig om de toepassing te waarborgen van de regeling die oorspronkelijk was opgenomen in het protocol betreffende de zones van Cyprus die onder de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland vallen, dat gehecht is aan de akte betreffende de toetreding, die een integrerend deel uitmaakt van het in artikel IV-437, lid 2, onder e), genoemde verdrag, welke regeling is overgenomen in deel II, titel III, van het protocol betreffende het verdrag en de akte inzake de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek;
    • c) 
      is dit verdrag op de Kanaaleilanden en op het eiland Man slechts van toepassing voorzover nodig om de toepassing te waarborgen van de regeling voor deze eilanden die oorspronkelijk was opgenomen in het in artikel IV-437, lid 2, onder a), genoemde verdrag, en die is overgenomen in titel II, afdeling 3, van het protocol betreffende de verdragen en akten inzake de toetreding van het Koninkrijk Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk van Groot Brittannië en Noord-Ierland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek, alsmede de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden.
  • 7. 
    De Europese Raad kan op initiatief van de betrokken lidstaat een Europees besluit vaststellen tot wijziging van de status ten aanzien van de Unie van een Deens, Frans of Nederlands land of gebied als bedoeld in de leden 2 en 3. De Europese Raad besluit met eenparigheid van stemmen, na raadpleging van de Commissie.

5.

IV-441 Regionale unies

Dit verdrag vormt geen beletsel voor het bestaan en de voltooiing van de regionale unies tussen België en Luxemburg alsmede tussen België, Luxemburg en Nederland, voorzover de doelstellingen van die regionale unies niet worden bereikt door toepassing van dit verdrag.

6.

IV-442 Protocollen en bijlagen

De protocollen en bijlagen bij dit verdrag maken een integrerend deel daarvan uit.

7.

IV-443 Gewone herzieningsprocedure

  • 1. 
    De regering van iedere lidstaat, het Europees Parlement en de Commissie kunnen de Raad ontwerpen tot herziening van dit verdrag voorleggen. Deze ontwerpen worden door de Raad aan de Europese Raad toegezonden en worden ter kennis van de nationale parlementen gebracht.
  • 2. 
    Indien de Europese Raad, na raadpleging van het Europees Parlement en van de Commissie, met gewone meerderheid van stemmen besluit dat de voorgestelde wijzigingen worden besproken, roept de voorzitter van de Europese Raad een Conventie bijeen die is samengesteld uit vertegenwoordigers van de nationale parlementen, van de staatshoofden en regeringsleiders van de lidstaten, van het Europees Parlement en van de Commissie. Ook de Europese Centrale Bank wordt geraadpleegd in geval van institutionele wijzigingen op monetair gebied. De Conventie beziet de ontwerpen tot herziening en neemt bij consensus een aanbeveling aan ten behoeve van een Conferentie van vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, als bepaald in lid 3.

    De Europese Raad kan met gewone meerderheid van stemmen, na goedkeuring door het Europees Parlement, besluiten geen Conventie bijeen te roepen indien de reikwijdte van de wijzigingen bijeenroeping niet rechtvaardigt. In dit laatste geval stelt de Europese Raad het mandaat van een Conferentie van vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten vast.

  • 3. 
    Een Conferentie van vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten wordt door de voorzitter van de Raad bijeengeroepen, teneinde in onderlinge overeenstemming de in dit verdrag aan te brengen wijzigingen vast te stellen.

    De wijzigingen treden in werking nadat zij door alle lidstaten overeenkomstig hun onderscheiden grondwettelijke bepalingen zijn bekrachtigd.

  • 4. 
    Indien viervijfde van de lidstaten het verdrag houdende wijziging van dit verdrag twee jaar na de ondertekening ervan hebben bekrachtigd en een of meer lidstaten moeilijkheden bij de bekrachtiging hebben ondervonden, bespreekt de Europese Raad de kwestie.

8.

IV-444 Vereenvoudigde herzieningsprocedure

  • 1. 
    Indien deel III voorschrijft dat de Raad op een bepaald gebied of in een bepaald geval met eenparigheid van stemmen besluit, kan de Europese Raad bij Europees besluit bepalen dat de Raad op dat gebied of in dat geval met gekwalificeerde meerderheid van stemmen besluit.

    Dit lid is niet van toepassing op besluiten die gevolgen hebben op militair of defensiegebied.

  • 2. 
    Indien deel III voorschrijft dat Europese wetten of kaderwetten door de Raad volgens een bijzondere wetgevingsprocedure worden vastgesteld, kan de Europese Raad bij Europees besluit bepalen dat die wetten of kaderwetten volgens de gewone wetgevingsprocedure worden vastgesteld.
  • 3. 
    Ieder initiatief van de Europese Raad op grond van de leden 1 en 2 wordt aan de nationale parlementen toegezonden. Indien binnen een termijn van zes maanden na die toezending door een nationaal parlement bezwaar wordt aangetekend, is het in de leden 1 en 2 bedoelde Europees besluit niet vastgesteld. Indien geen bezwaar wordt aangetekend, kan de Europese Raad dat besluit vaststellen.

    Voor de vaststelling van de in de leden 1 en 2 bedoelde Europese besluiten, besluit de Europese Raad met eenparigheid van stemmen, na goedkeuring door het Europees Parlement, dat zich uitspreekt bij meerderheid van zijn leden.

 

9.

IV-445 Vereenvoudigde herzieningsprocedure voor het intern beleid en optreden van de Unie

  • 1. 
    De regering van een lidstaat, het Europees Parlement en de Commissie kunnen de Europese Raad ontwerpen tot gehele of gedeeltelijke herziening van de bepalingen van deel III, titel III, over het intern beleid en optreden van de Unie voorleggen.
  • 2. 
    De Europese Raad kan een Europees besluit vaststellen houdende gehele of gedeeltelijke wijziging van de bepalingen van deel III, titel III. De Europese Raad besluit met eenparigheid van stemmen, na raadpleging van het Europees Parlement en van de Commissie alsmede van de Europese Centrale Bank in geval van institutionele wijzigingen op monetair gebied.

    Dit Europees besluit treedt pas in werking nadat de lidstaten het overeenkomstig hun onderscheiden grondwettelijke bepalingen hebben goedgekeurd.

  • 3. 
    Het in lid 2 bedoelde Europees besluit kan geen uitbreiding van de in dit verdrag aan de Unie toegedeelde bevoegdheden inhouden.
 

10.

IV-446 Duur

Dit verdrag wordt voor onbeperkte tijd gesloten.

11.

IV-447 Bekrachtiging en inwerkingtreding

  • 1. 
    Dit verdrag wordt door de Hoge Verdragsluitende Partijen bekrachtigd overeenkomstig hun onderscheiden grondwettelijke bepalingen. De akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de regering van de Italiaanse Republiek.
  • 2. 
    Dit verdrag treedt in werking op 1 november 2006, mits alle akten van bekrachtiging zijn nedergelegd, of bij gebreke daarvan op de eerste dag van de tweede maand die volgt op het nederleggen van de akte van bekrachtiging door de ondertekenende staat die als laatste deze handeling verricht.
 

12.

IV-448 Authentieke teksten en vertalingen, ondertekenaars

  • 1. 
    Dit verdrag, opgesteld in één exemplaar, in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estische, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Ierse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Spaanse, de Slowaakse, de Sloveense, de Tsjechische en de Zweedse taal, zijnde de teksten in elk van deze talen gelijkelijk authentiek, wordt nedergelegd in het archief van de regering van de Italiaanse Republiek, die een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toezendt aan de regeringen der andere ondertekenende staten.
  • 2. 
    Dit verdrag kan ook worden vertaald in andere talen die door de lidstaten zijn gekozen uit de talen die overeenkomstig hun constitutionele bestel op hun gehele grondgebied of een deel daarvan als officiële taal gelden. Van dergelijke vertalingen wordt door de betrokken lidstaat een gewaarmerkt afschrift nedergelegd in de archieven van de Raad.

    TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekende gevolmachtigden hun handtekening onder dit verdrag hebben gesteld.

    GEDAAN te Rome, de negenentwintigste oktober tweeduizendvier.

    Pour Sa Majesté le Roi des Belges

    Voor Zijne Majesteit de Koning der Belgen

    Für Seine Majestät den König der Belgier

    Guy VERHOFSTADT

    Karel DE GUCHT

    Cette signature engage également la Communauté française, la Communauté flamande, la Communauté germanophone, la Région wallonne, la Région flamande et la Région de Bruxelles-Capitale.

    Deze handtekening verbindt eveneens de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

    Diese Unterschrift bindet zugleich die Deutschsprachige Gemeinschaft, die Flämische Gemeinschaft, die Französische Gemeinschaft, die Wallonische Region, die Flämische Region und die Region Brüssel-Hauptstadt.

    Za prezidenta Ceské republiky

    Stanislav GROSS

    Cyril SVOBODA

    For Hendes Majestæt Danmarks Dronning

    Anders Fogh RASMUSSEN

    Per Stig MOLLER

    Für den Präsidenten der Bundesrepublik Deutschland

    Gerhard SCHRÖDER

    Joseph FISCHER

    Eesti Vabariigi Presidendi nimel

    Juhan PARTS

    Kristiina OJULAND

    Για τον Προεδρο της Ελληνικης Δημοκρατιας

    Kostas KARAMANLIS

    Petros G. MOLYVIATIS

    Por Su Majestad el Rey de España

    José Luis RODRIGUEZ ZAPATERO

    Miguel Angel MORATINOS CUYAUBÉ

    Pour le Président de la République française

    Jacques CHIRAC

    Jean-Pierre RAFFARIN

    Michel BARNIER

    Thar ceann Uachtarán na hÉireann

    For the President of Ireland

    Bertie AHERN

    Dermot AHERN

    Per il Presidente della Repubblica italiana

    Silvio BERLUSCONI

    Franco FRATTINI

    Για τον Προεδρο της Κυπριακης Δημοκρατιας

    Tassos PAPADOPOULOS

    George LACOVOU

    Latvias Republikas Valsts prezidentes varda

    Vaira VIKE FREIBERGA

    Indulis EMSIS

    Artis PABRIKS

    Lietuvos Respublikos Prezidento vardu

    Valdas ADAMKUS

    Algirdas Mykolas BRAZAUSKAS

    Antanas VALIONIS

    Pour Son Altesse Royale le Grand-Duc de Luxembourg

    Jean-Claude JUNCKER

    Jean ASSELBORN

    A Magyar Köztársaság Elnöke részéröl

    Ferenc GYURCSANY

    László KOVACS

    Ghall-President ta' Malta

    Lawrence GONZI

    Michael FRENDO

    Voor Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden

    Jan Peter BALKENENDE

    Bernard BOT

    Für den Bundespräsidenten der Republik Österreich

    Wolfgang SCHÜSSEL

    Ursula PLASSNIK

    Za Prezydenta Rzeczypospolitej Polskiej

    Marek BELKA

    Wlodzimierz CIMOSZEWICZ

    Pelo Presidente da República Portuguesa

    Pedro Miguel DE SANTANA LOPES

    Victor MARTINS MONTEIRO

    Za predsednika Republike Slovenije

    Anton ROP

    Ivo VAJGL

    Za prezidenta Slovenskej republiky

    Mikulás DZURINDA

    Eduard KUKAN

    Suomen Tasavallan Presidentin puolesta

    För Republiken Finlands President

    Matti VANHANEN

    Erkki TUOMIOJA

    För Konungariket Sveriges regering

    Göran PERSSON

    Laila FREIVALDS

    For Her Majesty the Queen of the United Kingdom of Great Britain and Northern Ireland

    Tony BLAIR

    The Rt. Hon Jack STRAW